GILZE EN RIJEN – Donderdag 24 september hebben de fracties van VVD en D66 in de gemeenteraad van Gilze en Rijen een motie ingebracht met de titel ‘Motie vreemd aan de orde: alternatief voor de kruising Julianastraat-Ericssonstraat’. Helaas is alles in deze ene motie ‘gestopt’ en is onder meer het kappen van de bomen niet in een aparte motie verpakt. Dit had mogelijk wat meer stemmen voor de bomen kunnen krijgen; donderdag werd de motie met 15 tegen en 5 vóór weggestemd. Dit houdt in dat er weer 9 bomen in het gebied gaan verdwijnen – mét een herplantplicht.
De Bomenkaart
De gemeente Gilze en Rijen heeft een digitale Bomenkaart, waarop de bomen zijn geplaatst die in de gemeente in de openbare ruimte voorkomen, maar helaas is de nummering van de bomen op de kaart niet gehanteerd in bijvoorbeeld de ‘Bomeneffectanalyse – inventarisatie bomenbestand’ van 11 juli 2023. Deze BEA is opgesteld juist voor de werkzaamheden en de effecten op de bomen in het project ‘Spoorzone te Rijen’.
In haar bezwaar heeft de Stichting De Groene Mantelzorger hierop gewezen – overigens komt dat in meerdere projecten voor – en tevens op het feit dat op de digitale Bomenkaart meerdere bomen met dezelfde nummering voorkomen. In haar verweerschrift heeft het college van de gemeente Gilze en Rijen hierop gereageerd met de mededeling dat de boomnummers in de BEA helemaal los staan van de boomnummers – de gemeente gebruikt hierbij de term ‘beheerobjectbeschrijving’ – die de gemeente op de eigen Bomenkaart gebruikt.
Zo geeft de gemeente aan de 2 monumentale Platanen de nummers 269 en 270 hebben op de digitale Bomenkaart, maar in de BEA hebben deze bomen de boomnummers 167 en 168. Volgens de gemeente heeft de Stichting een verband gelegd wat niet van belang is voor het dossier. Het college ziet hierdoor niet in dat er verwarring wordt gecreëerd door verschillende nummering te gebruiken in de documenten die van toepassing zijn, bij mensen die het project en de kap van bomen willen volgen.
In de Omgevingsvergunning – nummer 1137091 DSO-nummer 20260226 01571 – gaat het over het kappen van 9 bomen en verplaatsen van 1 boom met een herplantplicht van 10 bomen nabij de adressen Julianastraat 34 en Ericssonstraat 2. Gezien de BEA zijn het de nummers 186 tot 190 – 5 Zilverlindes – die moeten verdwijnen. Op de digitale Bomenkaart zijn dat de nummers 26, 36, 35, 30 en 34, bomen van 1994 en die in de openbare ruimte staan. Middels de Omgevingsvergunning is te lezen dat deze bomen onder de 90 punten zitten dus niet waardevol zijn. De Stichting De Groene Mantelzorger reageert hier met klem op dat elke boom van waarde is, maar dat voor de gemeente het project Spoorzone van groter belang is dan het groen in de gemeente.
Daarnaast gaat het over de bomen – volgens de Omgevingsvergunning – 244, 245, 246 en 247. Opvallend hierbij is dat deze bomen niet in de BEA zijn opgenomen. Tevens zou boom 248 verplant worden, die ook niet in de BEA genoemd is. Op een situatietekening kan men dan eindelijk – met de hand ingekleurde ‘x’ – de locaties van de bomen 244 tot en met 248 vinden. Hierbij moet gemeld worden dat deze bomen niet zijn aangegeven op de digitale Bomenkaart en volgens de waardering via de Omgevingsvergunning zijn de bomen 244 tot en met 247 niet waardevol.
Boomwaarderingssysteem
Bij dit soort dossiers hanteert elke gemeente een boomwaarderingssysteem, wat een gestandaardiseerde methode is om de financiële waarde of de maatschappelijke en ecologische waarde objectief vast te stellen. Hier wordt gebruik van gemaakt door boomtaxateurs, gemeenten, verzekeraars en rechtbanken. Er moet wel bij gemeld worden dat niet elke gemeente hetzelfde boomwaarderingssysteem gebruikt en het gebruikte systeem afhangt van het doel van de waardebepaling – zoals schadevergoeding, compensatie bij kap of het meten van de klimaatimpact.
Volgens bronnen zouden er een aantal systemen en methoden zijn, waarvan er 3 zijn, die het meest worden gebruikt. Dit zijn de NVTB-methode – Rekenmodel Boomwaarde -, de EuroTrees – Norminstituut Bomen – Boomcijfer of EcoTreeScore. De landelijke standaard om de financiële – monetaire – waarde te berekenen is de NVTB-methode die ontwikkeld is door de Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen. Hierbij wordt de waarde van de boom berekend op basis van de kosten voor aanschaf, aanplant, nazorg en de groeiperiode.
Veel gemeenten stappen over of vullen het beleid aan met de methodieken van het Norminstituut Bomen. Hierbij wordt gekeken naar de maatschappelijke en ecologische waarde van het gemeentelijk groen, waarbij de waarde van een volwassen boom op basis van het kroonvolume kan oplopen tot tienduizenden euro’s. Daarnaast zijn er nog enkele gemeenten die gebruik van het Boomcijfer of de EcoTreeScore. Dit wordt regelmatig gebruikt bij een BEA om de kwaliteit, toekomstverwachting en klimaatbijdrage van bomen te beoordelen in plaats van puur de geldwaarde. Op de site Boomcijfer wordt uitleg gegeven over ‘Een nieuwe methode voor het waarderen van bomen’.
Soortenmanagementplan Gilze en Rijen
Volgens ‘Toelichting vergunningaanvraag 3 vellen bomen – Ericssonstraat – Julianastraat – aangevuld’ zouden de bomen ecologisch bekeken zijn – de juiste datum is niet te vinden – en ‘vrijgegeven voor aanwezigheid van ecologische waarden zoals vleermuisverblijfplaatsen’. De gemeente geeft echter aan dat er geen QuickScan Flora en Fauna is uitgevoerd voor het project Spoorzone. Daarentegen is bij de gemeente een Soortenmanagementplan (SMP) in voorbereiding.
Hiervoor is nog geen gebiedsgerichte vergunning verleend en volgens de gegevens zou er een veldonderzoek bezig zijn, dat loopt van mei tot oktober. Normaal gesproken als er nog geen gebiedsgerichte vergunning is verleend, loopt er een meerjarig ecologisch (veld) onderzoek. Voor het project Spoorzone zou het verstandig zijn om de gegevens van (beschermde) diersoorten openbaar te maken en te wachten tot de resultaten van het veldonderzoek in een rapport zijn verschenen.
De gemeente heeft op haar site op 1 september een artikel geplaatst over ‘Vleermuizen spotten bij de Warande’ waarin ook sprake was van de SMP. In het artikel werd aangegeven dat de wandeling mooi aansluit bij het onderzoek dat de gemeente momenteel doet voor het SMP, waarbij onderzoek wordt gedaan waar beschermde dieren leven en verblijven, zoals de vleermuis, de huismus en de gierzwaluw. Met de informatie kan de gemeente de dieren en verblijfplaatsen beter beschermen. De vraag hierbij is wat de resultaten zijn voor het gebied van de Spoorzone.
(Bronnen: Gemeente Gilze en Rijen, Gemeenteraad Gilze en Rijen, Weekblad Gilze en Rijen, SMP Check, Boomcijfer, De Groene Mantelzorger)
Henny AJ Kreeft (Stichting De Groene Mantelzorger)
Onafhankelijke (Burger) Journalistiek
© Khamakar News Agency / 26.09.2026

