UTRECHT – De provincie Utrecht wil dat in 2050 zo’n 10 procent van het landelijk gebied bestaat uit landschapselementen – onder meer poelen, houtwallen, hagen en natuurvriendelijke beheerde sloten. Men vindt dat men op de juiste weg is, waarbij melding is gemaakt dat in 2025 met steun van de provincie ruim 20 kilometer aan ‘groenblauwe dooradering’ is aangelegd. Tevens was een week eerder het bericht dat het definitieve Utrechts Programma Landelijk Gebied 2026 – 2035 is vastgesteld.
Meer ‘groenblauwe dooradering’
De provinciale site van de provincie Utrecht heeft melding gedaan dat de provincie sinds 2017 werkt aan meer ‘groenblauwe dooradering’ in het landelijk gebied. De provincie bedoelt met het ‘groene’ deel dat er meer zaken moeten komen, zoals houtwallen, voederhagen, kleine bosjes en kruidenrijke randen langs akkers en weilanden. ‘Blauw’ staat voor poelen en natuurvriendelijke ingerichte en beheerde sloten.
Al deze zaken zijn belangrijk voor de biodiversiteit, de waterkwaliteit, een gezonde bodem en een klimaatbestendige leefomgeving, waarvan planten en dieren profiteren. Volgens Gedeputeerde Gijs de Kruif – Natuur en Landbouw – is het hierbij van groot belang dat er samengewerkt wordt. Hierbij kan men denken aan grondeigenaren en partners die vrijwillig investeren in een mooier en sterker landschap, wat in de komende jaren verder wordt uitgebreid.
Het samenwerken gaat via het ‘Platform Groenblauwe Dooradering’ waarin samengewerkt wordt met de gemeenten, agrarische collectieven, waterschappen, Landschap Erfgoed Utrecht en het Utrechts Particulier Grondbezit. In het Utrechts Programma Landelijk Gebied is het doel vastgelegd en om dit doel te bereiken heeft de provincie via de agrarische collectieven subsidies beschikbaar gesteld, zodat de eigenaren van landbouwgrond nieuwe landschapselementen kunnen aanleggen.
Er zitten verschillen tussen de gebieden
In opdracht van de provincie is er een onderzoek gedaan hoe de groenblauwe dooradering is verdeeld over de provincie, waarbij een bestaande indeling in 9 gebieden is gebruikt. Het eerste resultaat uit het onderzoek heeft laten zien dat met 15 procent de Utrechtse Heuvelrug het hoogste aandeel groenblauwe dooradering heeft. Aan de oostkant van de provincie zijn gebieden met 6 procent en Veenweide de Meije met zo’n 8 procent goed bezig.
Daarnaast zijn er andere gebieden – zoals de Kromme Rijnstreek met 5 procent en de Utrechtse Waarden met 4 procent – die extra inspanningen nodig hebben. Volgens de onderzoekers zijn de verschillen tussen de verschillende gebieden best wel te verklaren. Volgens het onderzoek spelen het landschap, de hoogte van het gebied, de grondwaterstand en het historische gebruik hierbij een belangrijke rol.
De onderzoekers hebben laten weten dat in veenweidegebieden normaal gesproken meer waterrijke elementen voorkomen, onder meer sloten. Daarnaast komen er verschillen per gebied voor bij het element landschapselement. Vanuit de historie is het bekend dat in veenweidegebieden veel Knotbomenrijen voorkomen, terwijl bijvoorbeeld in de Vijfheerenlanden naast de Knotbomen ook veel grienden voorkomen.
Utrechts Programma Landelijk Gebied
Het nieuws van ‘groenblauwe dooradering’ in het landelijk gebied was van de afgelopen week, maar een week eerder was er het bericht ‘UPLG vastgesteld: bouwen aan de toekomst van het Utrechts landelijk gebied’ van de provincie Utrecht. Het lijkt erop dat de provincie veel werk maakt en heeft gemaakt van – de natuur in – het landelijk gebied. Volgens een provinciaal bericht van 15 juli hebben de Gedeputeerde Staten van de provincie Utrecht het definitieve ‘Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG) 2026 -2035’ vastgesteld.
In het ‘Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG) 2026 -2035’ heeft de provincie vastgelegd hoe men de komende jaren werkt aan natuurherstel, verbetering van water en bodem, klimaatopgaven en toekomstbestendige landbouw. Volgens de provincie is het UPLG een samenhangend pakket aan maatregelen dat vergunningverlening stapsgewijs weer mogelijk maakt.
De provincie is van mening dat de uitdagingen in het Utrechts landelijk gebied groot zijn, waarbij herstel van natuur, water en bodem noodzakelijk is en de gevolgen van klimaatverandering steeds zichtbaarder worden. Daarnaast leven veel agrariërs, PAS-melders en ondernemers al jaren met onzekerheid doordat de vergunningverlening onder druk staat.
Aanpassing natuurherstel en -beheer
Voordat het UPLG werd goedgekeurd, zijn er nogal wat indieners geweest van een zienswijze, waarbij meer aandacht is gevraagd voor het beheer van Natura 2000-gebieden en aanvullende maatregelen voor natuurherstel. Daarom wordt door het UPLG een Strategie Natuurherstel geïntroduceerd. Naast de stikstofmaatregelen, zal de strategie zich onder meer richten op concrete maatregelen voor hydrologisch herstel en het versterken van natuurverbindingen in de overgangsgebieden.
De bedoeling is dat de strategie de komende jaren verder uitgewerkt gaat worden en – indien het nodig is – de aanpak aangescherpt zal worden bij de actualisatie van het UPLG in 2028. Tevens gaat de provincie – samen met terreinbeherende organisaties en particuliere landgoedeigenaren – investeren in beter natuurbeheer en een structureel betere financiering ervan. Overigens is het mogelijk opvallend te noemen dat er geen link wordt ‘aangestipt’ naar meer ‘groenblauwe dooradering’, wat best wel onder ‘Aanpassing natuurherstel en beheer’ zou kunnen passen.
(Bronnen: Provincie Utrecht, De Gelderlander)
Henny AJ Kreeft (Stichting De Groene Mantelzorger)
Onafhankelijke (Burger) Journalistiek
© Khamakar News Agency / 30.07.2026

