Het boerkaverbod is luxewetgeving

Ruben Brunsveld, oud-jurist ministerie van binnenlandse zaken −24/09/11, 09:00

Al bijna tien jaar worstelen opeenvolgende kabinetten met het boerkaverbod. Ook nu is het nog symboolpolitiek.

Onder het kabinet-Balkenende II van CDA/VVD/D66 viel de verantwoordelijkheid voor de Grondwet onder toenmalig minister Alexander Pechtold. Als liberaal stond hij pal voor de opvatting à la Voltaire: “Ik ben het er niet mee eens dat u de boerka draagt, maar ik zal wel uw recht verdedigen om hem te dragen”. Terwijl zijn collega Rita Verdonk keer op keer aandrong op een algeheel verbod van de boerka, wist Pechtold een verbod te voorkomen.

Ook anno 2011 blijft een boerkaverbod symboolpolitiek, gericht op een uitermate kleine groep vrouwen. Het is wetgeving die hooguit past bij een maatschappij van onbegrensde financiële en menselijke mogelijkheden.

Hoeveel tijd (en geld) is er wel niet besteed aan het schrijven van de voorbereidende nota’s, aan ontwerpen van de wetgeving; aan interministeriële overleggen et cetera? Het is voor buitenstaanders soms moeilijk voor te stellen hoe arbeidsintensief de ambtelijke machine is. Alles moet door ‘de lijn’. Dure ambtenaren zijn bezig geweest met een onderwerp dat in Nederland maximaal 150 vrouwen direct raakt. In tijden van besparingen en inkrimpingen een onbegrijpelijke prioriteit.

Voor elke wetgeving geldt dat de inbreuk op het persoonlijke leven van burgers in proportie moet staan tot het doel dat ermee wordt beoogd. Dit doel wordt door het huidige kabinet vooralsnog zeer vaag omschreven. Let wel, het gaat niet om veiligheid of terrorismebestrijding. Nee, de boerka ‘staat haaks op de wijze waarop wij in de publieke ruimte met elkaar omgaan’.

Er zijn wel meer dingen die haaks staan op de wijze waarop we met elkaar om moeten omgaan in de publieke ruimte. We horen liever ook niemand vloeken, maar dat is nog geen reden voor een wettelijk vloekverbod.

Een boerkaverbod is een verregaande inbreuk van het recht op persoonlijke levenssfeer. Sinds wanneer mag de overheid bepalen wat je draagt in de openbare ruimte? Let wel het gaat hier niet om scholen, het Binnenhof, een bank of Schiphol. Het gaat om een vrouw die van haar huis naar de supermarkt wil kunnen lopen en die zonder die boerka misschien binnen moet zitten.

Let wel, ik propageer geenszins het dragen van een boerka. Ik sluit mij in zoverre bij minister Piet Hein Donner aan dat het een traditie is die niet binnen het Nederland van de 21e eeuw past.

Ik zie eerder een morele plicht om vrouwen ‘uit de boerka’ te helpen. Het is mijn stellige overtuiging dat een eventueel ‘verbod op gezichtsbedekkende kleding in de openbare ruimte’ (zoals wij ambtenaren het toen intern ook al noemden) uiteindelijk op juridische gronden zal sneuvelen voor het Europese Hof voor de Rechten van de Mens. En die weg zal de overheid nog veel meer geld kosten.

Jammer dat niemand durft te zeggen “ik zal wel uw recht verdedigen om hem te dragen”. Nederland heeft behoefte aan een Partij Van Voltaire!

Ruben Brunsveld was van 2003-2006 als ambtenaar verantwoordelijk voor het boerka-dossier.

(www.trouw.nl / 26.09.2011)

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *