EU blijft geloven in twee-statenoplossing in conflict Midden-Oosten

De  Europese Unie i is een overtuigd voorstander van een vreedzame, politieke oplossing die uitmondt in een twee-statenmodel, waarbij een Israëlische en een Palestijnse staat naast elkaar bestaan. Maar radicale krachten aan zowel Israëlische als aan Palestijnse kant zijn er tot nu toe in geslaagd elk vredesproces te saboteren: van de interim-overeenkomst in Oslo in 1995, via de Camp David akkoorden begin 2000 en de routekaart naar vrede uit 2003, tot aan de laatste poging van de voormalige Amerikaanse president George W. Bush in Annapolis in 2007.

De EU behoort tot het zogeheten ‘kwartet’, bestaande uit de Verenigde Staten, Rusland, de Verenigde Naties i en de Europese Unie, dat zich met wisselend succes probeert in te zetten voor een vreedzame oplossing voor het conflict in het Midden Oosten. Aan Islamitische kant is het vooral Egypte dat pogingen doet om een doorbraak te bewerkstelligen. Daarentegen lijken Iran en Syrië, sponsors van radicale groeperingen als Hezbollah i en Hamas i, vooralsnog weinig belangstelling te hebben voor een vredesregeling. Zij zijn er vooral op uit de politieke en militaire kracht van hun beschermelingen te vergroten.

In de EU heerst grote bezorgdheid over de gewelddadige botsingen tussen Israël en de Palestijnse beweging Hamas i. De drie weken durende oorlog die het Israëlische leger tussen eind december 2008 en half januari 2009 voerde in Gaza om een eind te maken aan de beschietingen van Israëlische nederzettingen met primitieve raketten, kostte aan naar schatting 1300 Palestijnen het leven, waaronder zeker 450 kinderen.  Aan Israëlische kant kwamen 13 mensen om. Daarnaast werd grote materiële schade aangericht aan gebouwen en de infrastructuur van de Gazastrook, waar ongeveer 1,5 miljoen Palestijnen leven.

Door de Gaza-oorlog van eind december en januari 2009 zijn de vredesbesprekingen tijdelijk stil komen te liggen. Ondanks verslechterde verhoudingen door de Israëlische commando-actie in 2010 tegen een konvooi met hulpgoederen voor Gaza, blijft de EU aansuren op voortzetting van de dialoog.

Israëlische Verkiezingen 2009

Wat de situatie nog ingewikkelder maakte, was de uitslag van de Israëlische parlementsverkiezingen van 2009. Rechtse en religieuze partijen kregen de meerderheid in de Knesset. Deze partijen zijn van huis uit minder geneigd tot compromissen met de Palestijnen, wat mogelijk ten koste zal gaan van een constructieve Israëlische opstelling bij eventuele vredesonderhandelingen.

De Europese Commissie i beloofde de nieuwe Israëlische regering te steunen. Voorwaarde was wel dat Israël een aantal richtlijnen accepteerde, waaronder het principe van een onafhankelijke Palestijnse staat. “De Europese Commissie wil graag samen met de Israëlische regering werken aan een gemeenschappelijke agenda”, aldus voorzitter van de Europese Commissie José Manuel Barroso i in een boodschap in 2009 aan de Israëlische premier Benjamin Netanyahu i.

Van het kwartet verkeren de VS en de EU in de beste positie om invloed uit te oefenen op de twee kampen. Amerika is tot nu de onbetwiste beschermheer geweest van Israël, zowel in politieke zin als waar het gaat om de levering van militair materieel.

Onder de president Bush hebben de Verenigde Staten echter maar zeer spaarzaam gebruik gemaakt van hun invloedrijke positie. Met de komst van de veranderingsgezinde president, Barack Obama i, was er voorzichtige hoop dat de VS bereid zou zijn meer druk uit te oefenen op Israël om mee te werken aan een voor beide partijen aanvaardbare oplossing. Tot een doorbraak in het vredesproces is het echter niet gekomen.

Financiële steun

De EU is de grote geldschieter van het Palestijnse bestuur i. Zonder de vele honderden miljoenen euro’s die jaarlijks aan de Palestijnse gemeenschappen worden overgemaakt, zou het leven voor de burger in de Gazastrook en op de Westelijke Jordaanoever vrijwel ondraaglijk worden. In totaal heeft de EU tussen 2000 en 2009 dik 2,8 miljard euro geschonken.

De Europese Commissie heeft in 2009 436 miljoen euro beschikbaar gesteld voor hulp aan de Palestijnen. Toenmalig Eurocommissaris Benita Ferrero-Waldner i (Buitenlandse Betrekkingen) wilde daarmee een bijdrage leveren aan het aanpakken van de “rampzalige humanitaire situatie in de Gazastrook”. Ze voegde er aan toe dat het belangrijkste probleem niet geld was, maar de toegang voor hulp. Ferrero-Waldner drong aan op een onvoorwaardelijk einde van de blokkade van hulpgoederen en hulpverleners. Naast deze steun ontvangen de Palestijnen nog tientallen miljoenen euro’s van afzonderlijke Europese lidstaten.

Maar behalve met geld, probeert de EU zowel de Palestijnen als Israël via een op maat gesneden nabuurpolitiek geleidelijk te binden aan de humanitaire en democratische normen en waarden van het huidige Europa. De EU is Israëls grootste handelspartner en is bereid via het Europese buurlandenbeleid de economische en politieke banden nog verder aan te halen. Maar dan moet Israël de humanitaire en mensenrechtendoelstellingen niet alleen in woord maar ook in daden ondersteunen.

Voor Israël is het van cruciaal belang dat een einde wordt gemaakt aan de wapensmokkel via tunnels uit Egypte en dat het openen van controleposten niet leidt tot een toename van het aantal (zelfmoord)aanslagen.

Oproep tot hervorming Israëlisch detentiebeleid

“Moet de Europese Unie Israël harder aanpakken vanwege de slechte behandelingen van Palestijnse gevangenen?” Deze gevoelige vraag kwam tijdens een plenaire vergadering van het Europees Parlement i  al in september 2008 aan de orde. Tijdens deze vergadering werd er een resolutie aangenomen die betrekking had op de vrijlating van een aantal Palestijnse gevangenen. Het toenmalige Parlement was van mening dat de vrijlating van Palestijnse gevangenen ‘een positieve stap zou zijn voor het herstel van het klimaat van wederzijds vertrouwen dat noodzakelijk is om met de vredesonderhandelingen voortgang van betekenis te boeken’.

Enkele fracties i van het Europees Parlement stoorden zich er vooral aan dat Israël zich niet hield aan internationale verdragen over mensenrechten. Bovendien verlangden ze dat het land een eind zou maken aan het systeem van administratieve hechtenis en iedere vorm van intimidatie en foltering zou verbieden.

Het Europees Parlement uitte al langere tijd kritiek op de handelswijze van de Raad i en de Europese Commissie i inzake Israël. De Raad en de Commissie hebben erkend dat Israël zich schuldig heeft gemaakt aan het schenden van enkele internationale verdragen, maar ze zien toch een politieke dialoog als de beste oplossing voor het conflict. Om het Europees Parlement tegemoet te komen, heeft de Commissie binnen het Associatieverdrag met Israël een aparte commissie ingesteld die zich volledig zou gaan richten op de mensenrechten binnen het land.

Toekomst

De internationale Midden-Oostengezant Tony Blair i stelde dat in 2009 voortgang moest worden gemaakt bij oplossing van het Israëlisch-Palestijns conflict. De prioriteiten moesten liggen bij de onderhandelingen over een twee-statenoplossing, opheffing van de blokkade van de Gazastrook en aanpassing van het tijdschema waarin de Palestijnen het beheer over de Westelijke Jordaanoever krijgen, aldus Blair.

Blair hoopte dat de nieuwe regeringen in Israël en de Verenigde Staten meer betrokkenheid zouden tonen. Toenmalig eurocommissaris Ferrero-Waldner noemde het teleurstellend dat de vorige Israëlische regering de verzoeken van de internationale gemeenschap nauwelijks had ingewilligd. Van deze betrokkenheid is vooralsnog niet veel terecht gekomen door de aankondiging van de bouw van nieuwe nederzettingen.

Israël heeft aangekondigd 1600 woningen te willen bouwen in bezet Oost-Jeruzalem. Het bouwen van nederzettingen in de bezette gebieden door Israël is omstreden aangezien het volgens internationaal recht illegaal is. Deze bouwplannen hebben dan ook geleid tot een een ruzie met de Verenigde Staten. Ook EU-buitenlandchef i Catherine Ashton i heeft de bouw veroordeeld. Door dit soort incidenten zijn de betrekkingen tussen Israël en zijn bondgenoten behoorlijk verslechterd.

Inhoudsopgave van deze pagina:

1.

Argumenten in de discussie

Hieronder staan een aantal veel gehoorde argumenten in de discussie over het Israëlisch-Palestijns conflict, waarbij bijna altijd wel kanttekeningen te maken zijn. Dat maakt de discussie boeiend, maar een oordeel niet eenvoudiger. Europa is wikken en wegen. Door op de links te klikken krijgt u meer informatie én nuancering.

Tip: Na het lezen van de argumenten kunt u zelf Uw reactie geven.

  •  De EU moet zo nodig dreigen het Associatieverdrag met Israel op te zeggenDe lucratieve handel van Israël met de Europese Unie is gebaseerd op een Associatieakkoord dat in 1995 werd gesloten en rond 2000 door alle lidstaten was bekrachtigd. De EU heeft de mogelijkheid het akkoord op te schorten als Israël zich niet aan de spelregels houdt. Ondanks vele pogingen van nationale parlementen, maar ook het Europees Parlement (2002) om het Associatieakkoord in stelling te brengen om de wijze waarop Israël met de Palestijnen omgaat af te straffen, is dat nooit gebeurd. De EU zou deze reserve moeten laten varen als een nieuwe regeringscoalitie een harde lijn uitzet in haar beleid om tot een oplossing van het conflict met de Palestijnen te komen.
  •   De EU moet overleg met Hamas niet langer uitsluitenEen oplossing van het conflict tussen Israël en de Palestijnen wordt voor een niet onbelangrijk deel gefrustreerd door hardliners aan Palestijnse kant die, als zij Israël al niet van de kaart kunnen vegen, dan toch tenminste het onderste uit de onderhandelingskan zullen eisen. De belangrijkste en meest gevoelige twistpunten zijn de status van Jeruzalem en de terugkeer van Palestijnse vluchtelingen. De gematigde Palestijnen, vertegenwoordigd door president Abbas van de Palestijnse Autoriteit, missen echter voldoende draagvlak om een houdbaar vredesakkoord uit te kunnen onderhandelen. Zonder de medewerking van Hamas, zal een eventuele overeenkomst niet tot een duurzame vrede leiden. Het is daarom van belang dat de EU zijn principiële weigering om met Hamas te praten omdat het om een terroristische organisatie gaat opzij zet en een meer pragmatische koers gaat varen.

(www.europa-nu.nl / 13.06.2011)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *