Egypte stemt in met grondwetswijzigingen

CAÏRO – Een meerderheid van de Egyptenaren heeft zaterdag in een referendum ingestemd met een aantal wijzigingen in de grondwet. Dat blijkt uit de voorlopige uitslagen, aldus juridische bronnen in Egypte.

De wijzigingen gaan onder meer over het beperken van de duur van het presidentschap en het opener maken van de verkiezingen voor meer kandidaten. Maar het blijft de oude grondwet van president Hosni Mubarak en de generaals die hem voorgingen.

Tussen de 60 en 70 procent van de stemmers zou met de aanpassingen van de grondwet hebben ingestemd. Circa een kwart zou hebben tegengestemd.

De volksraadpleging was de eerste stembusgang sinds president Hosni Mubarak na bijna dertig jaar het veld ruimde op 11 februari en een militaire raad het heft in handen nam. (ANP)

(www.parool.nl / 20.03.2011)

Islamitische democratie is veel verder dan Westerse democratie

De Islam is een politieke religie en veel van de primarie politieke principes zijn vandaag de dag nog geldig. Een van die principes is essentieel voor de democratie, dat is het principe van de shoera. Aan het shoera-principe wordt gerefereerd door een vers in de Koran, Soerat Al-Soera (vertaald: De Consultatie, vers 42 in de Heilige Koran). Dit vers noemt de kwaliteiten van goede moslims op en stelt met de bekende pijlers vast dat zij hun kwesties in onderling overleg behandelen. In het Arabisch: “Wa Amrohom Shoera Baynahom”, waarbij “amrohom” door ons vertaald als “kwesties”, meer inhoudt dan in onze interpretatie ervan. Het heeft een meer algemene en universele reikwijdte, naar iedere beslissing op ieder niveau. “Shoera” betekent “beraadslaging”.

Dit vers bepaalt in de eerste plaats dat het het volk is dat zijn eigen kwesties moet behandelen, met andere woorden, dat het zichzelf moet regeren. En het moet dat doen door middel van beraadslagen van zijn leden, alle leden. Het idee van de wet van het volk, ofwel democratie, is dus absoluut een Islamitisch idee. En niet alleen dat: het principe van shoera maakt van democratie voor iedere moslim een verplichting. Een moslimmaatschappij kan, om waarachtig Islamitisch te zijn, niet anders dan een democratie zijn. Veel mensen zouden tegenwerpen dat de geschiedenis het tegendeel laat zien en dat Islamitische maatschappijen ten prooi vielen aan despotisme en geen democratieën hebben gevestigd. Dit is helaas een feit, maar wij beweren dat dit gebeurde ondanks de Islam en niet dankzij de Islam.

De principes van de politieke grondslagen van de Islamitische staat luiden dan ook als volgt (zie annex voor de legitimering hiervan):
1. Een gekozen leider, verkozen door het volk en daarmee in overleg regerend.
2. Een scheiding van machten, in ieder geval tussen de uitvoerende en de rechterlijke macht.
3. Een egalitair economisch systeem, gebaseerd op een tot norm gemaakte solidariteit en het voorkomen van uitbuiting, monopoliën en concentratie van kapitaal.
4. Bescherming van minderheden en respect voor diversiteit, ook in culturen.
5. Vrijheid van opinie en van deelname aan verkiezingen, hetzij als kandidaat, hetzij als politieke daad.

Dit zijn 5 kenmerken van de Arabisch-Islamitische staat van de eerste kaliefen. Ons inziens maken deze 5 elementen de Islamitische staat veel democratischer dan de meeste staten van West-Europa, zij het met als kanttekening dat de geest tussen beide tijdsgewrichten verschillend is. De westerse democratie is gebaseerd op de overdracht van de macht van het volk naar het bestuur en het parlement, en dat voor een bepaalde periode. Het principe van de shoera (consultatie) wijst de absolute overdracht van macht af en vraagt na de verkiezing een voortdurende, actieve participatie van het volk bij het regeren. Het parlement zoals dat in de meeste Europese landen functioneert, is niet voldoende, omdat het om niet meer dan een georganiseerde groep parlementariërs gaat die eerder de belangen van hun partij en soms die van andere machtsblokken dienen dan het belang van hun electoraat. Een beter systeem zou zijn om raden te kiezen, te beginnen op het niveau van wijken, dan van steden, van provincies en van federatieve staten, die alle statutair met elkaar en aan het nationale parlement zijn gekoppeld en die alle de mogelijkheid hebben mee te doen aan het besluitvormingsproces.

Aldus is het shoera een principe dat een basisdemocratie behoeft. En hoe meer nieuwe horizonten de technologie ons biedt om de democratie meer op de basis georiënteerd te kunnen maken en minder steunend op een systeem van machtsoverdracht, des te meer zou de maatschappij hiervan gebruik kunnen maken.

In de Islam is ook een zekere pluriformiteit op juridisch vlak gegarandeerd. De maatschappij kan verschillende rechtsordes hebben op het niveau van het familierecht en dat in functie van verschillende filosofische of religieuze opvattingen. De maatschappij is niet alleen multicultureel en multireligieus, het is ook multi-institutioneel tot op een bepaald niveau.

Om deze diversiteit in een beter functionerende democratie op alle vlakken te garanderen is het belangrijk de vrije circulatie van informatie en meningen te garanderen. Dit kan alleen het geval zijn wanneer de vrijheid van onderwijs wordt gegarandeerd. Maar ook de toegang tot de media in al haar vormen moet een recht zijn en in de praktijk mogelijk gemaakt. Media moeten democratisch zijn en monopolie van media door de staat of het kapitaal of welke instantie dan ook moet onmogelijk gemaakt worden.

(www.maroc.nl / 20.03.2011)

Army kills 2 teenagers in Gaza 20Mar11

The bodies of two Gaza teenagers were retrieved by Palestinian medics late Sunday morning, after being killed by Israeli fire some 12 hours earlier in the border area east of Gaza City.

Medical crews said they were only permitted to access the site, east of Juhor Addik and north of the Al-Bureij refugee camp, when they got a call advising them of the deaths Sunday morning.

The bodies were taken to the Ash-Shifa Hospital in Gaza City, where they were identified as Imad Farajallah, 17, and Qasim Salah Iteiwa, 17, both from the An-Nuseirat refugee camp in central Gaza.

An Israeli military spokeswoman said Sunday that soldiers fired at two men approaching the Gaza Strip’s border with Israel. The army official told Ma’an that forces identified a hit, but she could not confirm that they were killed.

However, the Israeli daily Haaretz and Israeli news site Ynet reported on Saturday night that both men were killed, quoting a military spokesperson. The reports came out hours before medics were notified.

Palestinian medical sources told Ma’an on Sunday morning that they had not yet received any information from Israeli officials about the attack.

Israeli authorities usually inform Palestinian medics about such incidents through liaison officers, medical officials added.

Israeli forces are on high alert near the borders with the Gaza Strip after Palestinian resistance fighters launched over 50 mortar shells and homemade projectiles across the border on Saturday.

Ma’an’s reporter said Israeli military tanks struck targets near the borders in the northern and central Gaza Strip late on Saturday night. Israeli missiles and artillery shells landed in Juhor Ad-Dik, east of the Al-Bureij refugee camp, and in agricultural fields east of Gaza City. No injuries have been reported from those incidents.

Meanwhile, the armed wing of the Popular Resistance Committees in Gaza, the An-Nasser Salah Ad-Din Brigades, said its fighters fired a Grad-style missile into the western Negev on Saturday evening.

The group said the shelling was a natural response to the ongoing Israeli crimes against Palestinians.

Livni calls for another Cast Lead

On Saturday, Israel’s opposition leader Tzipi Livni said the escalation in mortar fire called for a new military campaign against the coastal enclave.

“The right way to deal with it is with force, just like Israel did during and after Operation Cast Lead,” news website Ynet quoted her as telling local authority heads in the border region.

Israeli forces killed more than 1,400 Palestinians during the December 2008- January 2009 offensive, more than half of whom were women and children. Thirteen Israelis, 10 of them soldiers, were killed in the 22-day attack.

Israeli Prime Minister Benjamin Netanyahu vowed that Israel would use “all necessary means to protect its citizens” in a statement from his office.

In January, Gaza’s main militant factions confirmed a year-old truce after weeks of increased rocket fire and spiraling tensions along the border prompted a warning from Arab leaders that Gaza was risking a major new Israeli invasion.

(http://australiansforpalestine.com/41457 / 20.03.2011)

Erasing Palestine from Lifta

Palestine Monitor
19 March 2011

The Israel Land Administration (ILA) has put a plan in place which would see land in the village of Lifta, a former Palestinian village situated on the north-west edge of Jerusalem sold to private developers. A plan which would see Palestinian history completely stripped from the village.

JPG - 223.9 kb
The village of Lifta today.

The ILA plan calls for amongst other things, the building of 212 housing units exclusively for Jews, a luxury hotel, a shopping mall and a museum. In objection to these building plans, a large petition has been signed by various activists, NGO’s and descendents of Lifta and submitted by Attorney Sami Arshid. As a result of this petition a temporary injunction was issued by Judge Yigal Marzel on the 7th of March ordering the ILA to freeze publication of results for tender which would see plots of land sold off to these private developers.

Over 500 Arab villages were depopulated or demolished during the 1948 war by the ruthless colonial Zionist forces. Lifta is an exception in this respect as it is ‘The only village which remains as it was before 1948,’ Daphna Golan asserts, a Professor of Law at the Hebrew University and organiser of the petition to save Lifta. Whilst on the surface the plan is sold as a rejuvenation project bringing life to an otherwise ‘abandoned’ village, Golan is adamant that it is primarily a political venture. ‘It is a building plan geared towards erasing the past,’ she asserts. In other words, serving to continue the process of judaization of the land, a policy which aims to eradicate Palestinian history, memory and presence.

Most of the original buildings and houses still remain somewhat intact in Lifta, a village which dates back to biblical times. For Yacoub Odeh, a former Lifta resident, a human rights activist and a central figure in the Save Lifta campaign, this is bitter sweet. He speaks of his memories of living in Lifta with great fondness. It is tainted however with the reality that he no longer has any right to live in the village from which he was forcefully removed by the pre-state Zionist terrorist gangs working under the auspices of the Zionist movement. ‘I remember the bakery where I went with my mother to eat bread with olive oil and zatar, it was delicious…I will never forgive those who stole our history and our memory,’ he says.

Lifta was one of the first villages occupied before the 1948 war and the creation of the Israeli state. Its proximity to Jerusalem meant that it was of great strategic importance to the Zionist movement; Yacoub explain, ‘Whoever controlled Lifta controlled Jerusalem.’ In refutation of Zionist claims that depict the pre-state Zionist movement as a heroic, pioneering enterprise, Yacoub describes how the Muslim and Christian inhabitants of Lifta were evicted from their homes through the use of brutal, racist tactics. ‘They bombed the homes of twenty people…but the Jews were allowed to stay.’ The terrorising of the Muslim and Christian inhabitants of the village ‘achieved the Zionist goal of ethnic cleansing,’ Yacoub continued. After 1967, Jewish immigrants were moved into the houses of those who had been forcefully removed. It is the descendents of these families who remain the sole inhabitants of Lifta today.

The ILA plan to redevelop the village of Lifta is symbolic for the reason that it nullifies the possibility of the Palestinian refugees who once lived there of ever returning to their homes. For Yacoub, this is the greatest injustice. The Israeli Law of return grants Jews from around the world the possibility to ‘return’ to their ‘homeland’ and gain citizenship. The original inhabitants of Lifta are, however, not awarded with this option, ‘I was evicted from my house 63 years ago and I don’t have the right to return,’ Yacoub said.

Successive Israeli governments have to date managed to maintain an unstable status quo whereby all the so-called ‘final status’ issues have been left up in the air. Yacoub asserts that the right of return is prerequisite for peace, ‘Without the right of return, there will be more killing and more blood.’

Further evidence that the ILA plans are aimed at seizing the identity and completing the Judaization process of the last remaining Palestinian village can be seen in the details. There are plans to build a museum which Yacoub asserts will showcase a purely Jewish recollection of the history of Lifta, ‘Surely it will not mention the Palestinian people; they see with one eye only.’

Furthermore, the cemetery where many former Palestinian residents of Lifta have been buried has been designated as public land in the plan, thus creating the possibility that it may in the future be removed for the purposes of further building.

The village of Lifta is significant for the reason that it reminds us of a time when Muslims, Christians and Jews lived harmoniously on the land. In this sense, Golan asserts that ‘It should be used as a place where Jews and Arabs can meet to acknowledge their shared history.’ If the ILA plans are approved, it will therefore be removing a powerful symbol of reconciliation. More ominously, the ILA plans which are portrayed as being devoid of any political significance are in fact a painful reminder that the colonial Zionist enterprise is still thriving.

(www.palestinemonitor.org / 20.03.2011)

Veiligheidstroepen Syrië schieten op betogers

In Syrië hebben de veiligheidstroepen zondag met scherp geschoten en traangasgranaten afgevuurd op duizenden manifestanten in de zuidelijke stad Deraa. Er viel een dode en er zijn meer dan honderd gewonden, aldus een mensenrechtenmilitant ter plaatse.

De veiligheidstroepen en het leger vuurden traangasgranaten met een giftig product op hen af, en ook echte kogels.

In Syrië is sinds 1963 de noodtoestand van kracht. Sinds 15 maart is het land het toneel van manifestaties; die kwamen er na een oproep voor meer vrijheid op Facebook.

(www.nieuwsblad.be / 20.03.2011)

Libyan Hospitals Attacked

The U.S. and its allies are embarking on another regime change operation. Before they started their attacks on the Libyans, they admitted that there would be civilians casualities in an act of irony. They claim to be acting to save civilians, but they will be killing them.

“Prime Minister Stephen Harper said the action amounts to an ‘act of war’ that is critical to remove Moammar Gadhafi from power before he massacres any more of his own people,” according to the Edmonton Journal. [1] It also added: “The prime minister acknowledged that the military operation will be complex and could lead to casualties among the very civilians that nations are trying to protect, and perhaps among the military personnel being sent to Libya.” [2]

The war criminals are back at it again.

Hours after the attacks, sources in Libya have reported that three medical facilities were bombarded.[3] Two were hospitals and one a medical clinic.[4] These were civilian facilities.

Al-Tajura Hospital was hit as was Saladin Hospital in Ain Zara. The clinic that was bombed was also located in the vicinity of Tripoli, the Libyan capital.[5] Not only where these civilian structures, but they were also all far away from the combat zone.

Civilian air facilities throughout Libya have been attacked.[6] Libyan sources have also said that all the Libyan military academies have also been destroyed. [7] This is a means to prevent Libya from training officers to defend itself.

The same sources have also said that all Libyan military bases were attacked, even ones that have no connection with imposing a no-fly zone. Libyan air bases, naval bases, and ground bases were attacked by the new Iraq-style “coalition of the willing.” Moreover, a vast naval blockade around Libya has now been imposed by the U.S. and its allies.

According to (unconfirmed) internal Libyan sources, two French jets were also shot down by the Libyan military near Janzour (Janzur/Zanzur). [7] According to the same source, another French military jet was shot down by the Libyans near Anjile. [8] People in Benghazi are also fleeing the city, because of the war. [9] Surt (Sidra) and Misratah have also been attacked by the French, the U.S., the British and their coalition allies.[10]

The U.S. and its allies are now the ones that are creating a real humanitarian disaster. They talk about peace while they arm the Benghazi-based opposition rebels via the Egyptian military junta, which is as much a military client as its so-called civilian predecessor.[11] This is also a violation of the United Nations Security Council resolution that the U.S. and its allies passed, which states that no weapons are to be sent to Libya.

Hillary Clinton was in both Tunisia and Egypt in relation to the operations directed against Libya. Both the regime in Tunis and the military junta in Cairo are overtly and covertly supporting the war against Libya. The autocrats of the Gulf Cooperation Council (GCC) have also indicated that they will send military forces to attack Libya.

(www.globalresearch.ca / 20.03.2011)

Arabische liga en Rusland kritisch voor internationale interventie

Amr Moussa, de secretaris-generaal van de Arabische Liga, heeft de bombardementen van de internationale coalitie op Libië bekritiseerd. Ook Rusland is niet te spreken over de gang van zaken.

Volgens Moussa wijken die bombardementen af van het “doel om een no-flyzone in te stellen”. “Wat we willen, is de bescherming van de burgers en niet het bombarderen van andere burgers”, aldus de chef van de Arabische Liga tegenover journalisten.

Rusland wil einde ‘niet-selectief geweld’

Rusland heeft zondag de internationale coalitie opgeroepen te stoppen “niet-selectief geweld” te gebruiken en op die manier burgerslachtoffers te maken in Libië.

Zaterdag liet Rusland al weten dat het de buitenlandse militaire interventie in Libië betreurt. Woordvoerder Aleksandr Loekatsjevitsj van het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken zei dat het VN-besluit om interventie toe te staan ‘te haastig’ is genomen.

China niet, Japan wel akkoord met interventie

China betreurt de bombardement door de internationale coalitie op Libië, meldt het ministerie van Buitenlandse Zaken zondag in een persbericht. Peking herhaalt dat het tegen het gebruik van geweld in internationale relaties gekant is.

Japan schaarde zich zondag wel achter de aanvallen tegen de troepen van kolonel Moammar Kadhafi.

Afikaanse Unie wil einde vijandelijkheden

Het comité over Libië van de Afrikaanse Unie heeft zondag opgeroepen om “alle vijandelijkheden onmiddellijk stop te zetten” in het land.

Het comité vraagt ook dat de Libische autoriteiten zouden helpen om humanitaire hulp gemakkelijker bij de bevolking in nood te krijgen.

Het comité bestaat uit Afrikaanse staatshoofden. Het zegt dat het van de internationale gemeenschap niet de toelating heeft gekregen om naar Libië te gaan.

Obama: ‘Libische volk moet beschermd worden’

De Amerikaanse president Barack Obama heeft de vastbeslotenheid van de internationale gemeenschap voor een ingrijpen in Libië bekrachtigd.

“Het Libische volk moet beschermd worden”, zei het Amerikaanse staatshoofd zaterdag na een ontmoeting met zijn Braziliaanse collega Dilma Rousseff in Brasília. Als het geweld tegen de burgerbevolking niet snel stopt, is de coalitie bereid dringend te handelen.”

Hij heeft zelf gezegd een beperkte militaire actie tegen Libië te hebben toegestaan om eerbiediging van resolutie 1973 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties af te dwingen. Van het inzetten van grondtroepen is echter geen sprake, aldus de president.

Clinton: ‘Met één stem gesproken’

De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton heeft volgens BBC gezegd dat de internationale gemeenschap “met één stem” spreekt. De geweldcampagne van de Libische leider Moammar Kadhafi moet stoppen. “Er moet meteen een wapenstilstand komen. Dit betekent dat alle aanvallen tegen burgers dienen te stoppen. Troepen mogen niet verder oprukken naar Benghazi.”

Clinton zei dat het voor de internationale gemeenschap tijd is om actie te ondernemen ter bescherming van de Libische burgers. “Onze inschatting is dat de agressieve acties van de strijdkrachten van Kadhafi op veel plaatsen in het land blijven doorgaan. Wij hebben van de kant van de troepen van Kadhafi geen inspanning gezien om zich neer te leggen bij een wapenstilstand, ondanks alle retoriek.”

Als de internationale gemeenschap geloofwaardigheid wil bij het stemmen van een vliegverbod boven Libië, dan is er actie nodig, zo zei Clinton.

De bewindsvrouw voegde eraan toe dat overal in Libië de water-, elektriciteits- en gasbevoorrading moet opengesteld worden. “Humanitaire hulp moet de Libische bevolking kunnen bereiken.”

Nederland bekijkt deelname

Nederland is bereid de internationale militaire actie in Libië te ondersteunen. Of Den Haag ook echt militairen en materieel zal bijdragen, moet echter nog blijken.

De Nederlandse premier Mark Rutte wilde zaterdag in Parijs na afloop van topoverleg met negentien andere landen niet speculeren over de eigen bijdrage. Nederland zal er volgens hem wel op aandringen dat de NAVO nog dit weekend afspraken maakt over wat het militaire bondgenootschap kan bijdragen aan het vervolg van de “eerste grote stap” die Frankrijk, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten hebben gezet.

Spanje doet mee vanaf vandaag

Spanje neemt vanaf zondag deel aan de militaire interventie tegen Libië. Het land zet daarbij vier F-18-jachtvliegtuigen, een tankvliegtuig en een maritiem observatievliegtuig in, alsook een fregat en een onderzeeër.

Op de top in Parijs had de Spaanse premier Jose Luis Rodriguez Zapatero al militaire steun toegezegd. Daarbij was sprake van vier F-18’s en een tankvliegtuig. Die vijf toestellen zijn reeds toegekomen op de basis Decimomannu, in het zuiden van het Italiaanse eiland Sardinië.

Ongeveer 500 Spaanse militairen betrokken zullen zijn bij de operaties. Vrijdag had Spanje al aangegeven dat het de legerbasissen van Rota en Moron de la Frontera, beiden in Zuid-Spanje, ter beschikking stelt.

(www.destandaard.be / 20.03.2011)

Kadhafi: ‘Jullie zullen vallen zoals Hitler viel’

Kadhafi deelt wapens uit aan miljoen mensen

De Libische leider Moammar Kadhafi heeft zondag een ‘lange oorlog’ voorspeld. ‘Alle Libiërs zijn nu bewapend’, zei hij zondagvoormiddag in een audioboodschap die op de Libische staatstelevisie uitgezonden werd. Kadhafi stelde ook dat hij zal ‘zegevieren’.

Volgens de Libische leider zal zijn land nooit toelaten dat de ‘kruisvaarders’ – de internationale coalitie dus – bezit nemen van de Libische olie en die gaan exploiteren.

‘Verraders worden afgemaakt’

Kadhafi dreigde ermee elke ‘verrader of collaborateur’ met de internationale coalitie af te maken. Hij omschreef de westerse naties nog als ‘monsters en criminelen’. ‘Jullie zullen vallen net zoals Hitler viel’, luidde het. ‘Alle tirannen vallen.’

Het was de tweede boodschap van Kadhafi sinds het begin van de militaire operatie tegen Libië.

Kadhafi deelt wapens uit

Zondagmiddag is de Libische leider ook gestart met het uitdelen van wapens aan meer dan een miljoen mensen, zegt de Arabische nieuwszender Al-Jazeera.

Waarnemers achten het overdreven dat een miljoen inwoners wapens krijgen. Maar anderzijds achten die analisten het niet onwaarschijnlijk dat Kadhafi hem gunstig gezinde burgers bewapent om een burgeroorlog te ontketenen en het land te destabiliseren.

Libië vraagt spoedzitting Veiligheidsraad

Zaterdag vroeg Libië een spoedzitting van de VN-Veiligheidsraad. Ook liet het Libische regime zaterdag weten dat het VN-resolutie 1973 – die onder meer de no-flyzone oplegt – als nietig beschouwt nu de militaire campagne tegen het land gestart is. Het land zegt ‘het recht te hebben om vliegtuigen in te zetten’.

Bovendien laat het land weten dat het niet meer met Europa zal samenwerken inzake immigratie, zo meldt de Libische staatstelevisie op gezag van een hoge verantwoordelijke. ‘Libië acht zich niet meer verantwoordelijk voor de clandestiene immigratie naar Europa.’

Eerder deze maand had Kadhafi al gedreigd de samenwerking met de EU in de strijd tegen illegale immigratie stop te zetten.

(www.destandaard.be / 20.03.2011)

De Islam Veroordeelt het Terrorisme

En Allah roept naar het tehuis van Vrede en leidt wie Hij wil naar het rechte pad
(Koran, 10: 25)

OORLOG IN DE KORAN

Volgens de Koran vertegenwoordigt “oorlog” een “ongewenste verplichting”, die onder strikte naleving van bepaalde humanitaire en morele voorschriften uitgevoerd moet worden en er geen oorlog gevoerd mag worden, tenzij het absoluut onvermijdelijk is.

In een vers wordt uitgelegd dat het de ongelovigen zijn die beginnen met oorlog en dat God oorlogen niet goedkeurt:

Telkens wanneer zij het oorlogsvuur ontsteken, dooft Allah het en zij pogen wanorde te scheppen op aarde en Allah heeft de onruststokers niet lief. (Koran 5: 64)

Ingeval van een conflict moeten de gelovigen wachten met strijden totdat het noodzakelijk wordt. Het is de gelovigen alleen dan toegestaan om te vechten, wanneer de andere partij aanvalt en er geen andere alternatief dan oorlog overblijft:

Maar als zij ophouden, dan is Allah zeker Vergevensgezind, Genadevol. (Koran 2: 192)


Een blik van de huidige Medina, de stad waarnaar de Profeet Mohammed en de moslims emigreerden en hun eigen maatschappijorde vestigden.

Een nadere beschouwing van het leven van de Profeet Mohammed (vzmh) laat zien dat oorlog een middel was dat gebruikt werd voor defensieve doeleinden in onvermijdbare situaties.

De Koran werd door God aan de Profeet Mohammed (vzmh) geopenbaard gedurende een tijdsbestek van 23 jaar. Gedurende de eerste 13 jaar van deze periode, leefden moslims als een minderheid in een heidense maatschappelijke orde in Mekka en werden vaak onderdrukt. Veel moslims werden lastig gevallen, mishandeld, gefolterd, en zelfs vermoord en hun huizen en bezittingen geplunderd. Ondanks dit leidden de moslims hun leven zonder enige vorm van geweld aan te grijpen en riepen de heidenen op tot vrede.

Toen de onderdrukking van de heidenen ondragelijk werd voor de moslims, emigreerden de moslims naar de stad Yathrib, dat later Medina genoemd zou worden, waar ze hun eigen maatschappelijke orde in een (meer) vrijere en vriendelijkere omgeving konden vestigen. Zelfs nadat ze hun eigen politieke systeem hadden gevestigd, liet men zich niet meeslepen om de wapens tegen de agressieve heidenen uit Mekka op te nemen. Alleen na de volgende openbaring gaf de Profeet (vzmh) het bevel zich voor te bereiden tot oorlog:

Toestemming om te vechten is gegeven aan degenen tegen wie gevochten wordt, omdat hun onrecht is aangedaan, voorzeker Allah heeft de macht hen bij te staan. Degenen die ten onrechte uit hun huizen werden verdreven alleen omdat zij zeiden: “Onze Heer is Allah.” … (Koran 22: 39-40)

Kortom, het werd de moslims toegestaan om oorlog te voeren, omdat ze onderdrukt werden en bloot stonden aan gewelddadigheden. God stond oorlog dus alleen toe voor defensieve doeleinden. In andere verzen worden moslims gewaarschuwd voor onnodige provocatie of gewelddadigheden:

En strijdt voor de zaak van Allah tegen degenen, die tegen u strijden, maar overschrijdt de grens niet. Voorzeker, Allah heeft de overtreders niet lief. (Koran 2: 190)

Na de openbaring van deze verzen, vonden verscheidene oorlogen tussen moslims en heidense Arabieren plaats. In geen van deze oorlogen waren de moslims de opstokende partij. Verder vestigde de Profeet Mohammed (vzmh) een veilige en vredesvolle sociale omgeving voor de moslims en heidenen door het vredespact van Hadaybija te aanvaarden, waarin aan de meeste eisen van de heidenen werd toegegeven. Wederom waren het de heidenen, die de afspraken van het pact schonden en zo ontstond er weer een nieuwe situatie voor een oorlog. Doordat het aantal van de moslims fors was gestegen, beschikten de moslims over een strijdmacht die te sterk zou zijn tegen de heidense Arabieren. Maar toch veroverde de Profeet Mohammed (vzmh) Mekka zonder bloedvergieten. Als hij het zou wensen had Mohammed (vzmh) wraak kunnen nemen op de heidense leiders in de stad, maar in plaats daarvan pijnigde hij géén van hen, vergaf hen en behandelde hij ze met uiterste tolerantie. John Esposito, die in het Westen als een expert op het gebied van de Islam geldt, gaf bericht van de situatie in de volgende woorden: ” De Profeet (vzmh) vermeed wraak en plundering na zijn zege en accepteerde een akkoord, dat aan zijn vroegere vijanden amnestie verleende, in plaats van het zwaard tegen ze te verheffen.” 2

Heidenen, die zich later uit vrije wil tot de Islam bekeerden, konden er niet omheen, het edele karakter van de Profeet (vzmh) te bewonderen.

Niet alleen tijdens de verovering van Mekka, maar ook in het verloop van alle veldslagen en veroveringen, die plaatsvonden in de tijd van de Profeet Mohammed (vzmh), werden de rechten van onschuldige en weerloze mensen zorgvuldig beschermd. De Profeet Mohammed (vzmh) herinnerde de gelovigen vele malen aan deze verplichting en door zijn eigen gedrag werd hij een goed voorbeeld voor anderen. Hij zei de volgende woorden aan de gelovigen die naar het front gingen: “Wanneer men op oorlogspad gaat, ga dan met de religie van God. Raak de ouderen, vrouwen en kinderen niet aan. Verlicht altijd hun toestand en wees vriendelijk voor hen. God heeft hen lief die oprecht zijn.”3 De boodschapper van God legde ook de gedragsregels vast die de moslims moeten volgen, zelfs wanneer ze zich midden in het gevecht bevinden:

Doodt geen kinderen. Vermijdt het, om mensen in de kerken aan te tasten die zich hebben toegewijd aan bidden! Doodt nooit vrouwen en ouderen. Steek de bomen niet in de brand en hak ze ook niet om. Verwoest nooit huizen!4

De islamitische grondbeginselen, die God in de Koran heeft beschreven, verklaren deze vredesvolle en gematigde politiek van de Profeet Mohammed (vzmh). God beveelt de gelovigen in de Koran, om de mensen die geen moslim zijn vriendelijk en rechtvaardig te behandelen:

Allah verbiedt u niet, degenen, die niet tegen u om de godsdienst hebben gevochten, noch u uit uw huizen hebben verdreven, goed te doen en rechtvaardig te behandelen; voorzeker, Allah heeft de rechtvaardigen lief. Maar Allah verbiedt u vriendschap te betonen aan degenen, die tegen u gevochten hebben om de godsdienst, en die u uit uw huizen hebben verdreven of geholpen hebben u te verdrijven…(Koran 60: 8-9)

De bovenstaande verzen omvat de houding die moslims tegenover niet-moslims zouden moeten aannemen: een moslim zou iedere niet-moslim vriendelijk moeten behandelen. Men zou alleen moeten vermeiden om vriendschap te sluiten met degenen die de Islam vijandig zijn gesteld. In een toestand waar deze vijandigheid tot uiting komt met gewelddadige aanvallen tegen moslims, en deze de oorzaak zijn tot een oorlog, dan zouden de moslims toch weer op een rechtvaardige wijze moeten reageren door rekening te houden met de menselijke dimensies van de situatie. Alle vormen van barbaarsheid, onnodige gewelddadigheden en onrechtmatige agressie zijn verboden in de Islam. In een ander vers waarschuwt God de moslims hiervoor en spoort hen aan om niet onrechtmatig te handelen indien men een volk haat (vijandig is gesteld):

O, gij die gelooft, wees oprecht voor Allah en getuig met rechtvaardigheid. En laat de vijandschap van een volk u niet aansporen, om onrechtvaardig te handelen. Wees rechtvaardig, dat is dichter bij de vroomheid en vreest Allah, voorzeker, Allah is op de hoogte van hetgeen gij doet. (Koran 5: 8)

De betekenis van het begrip “Djihad”

Het woord Djihad staat letterlijk in de Koran voor persoonlijke inspanning tegen slechte gedachten, verlangens en driften. Wat dus niets te maken heeft met de zogenaamde Heilige Oorlog. Djihad is meer een mentale strijd tegen het kwaad.

In de Islam zijn er twee soorten Djihads te onderscheiden: de kleine en de grote djihad.

De kleine Djihad is de naar buiten gerichte strijd. Dit mag echter geen aanval zijn, maar dus alleen verdediging. Tevens mag het ook niet als een middel tot “dwangbekering” gevoerd worden. Dit wordt in het volgende vers uitgelegd:

Er is geen dwang in de godsdienst. Voorzeker, het juiste pad is van dwaling onderscheiden; derhalve, hij die de duivel verloochent en in Allah gelooft, heeft een sterk houvast gegrepen, dat onbreekbaar is. Allah is Alhorend, Alwetend. (Koran 2: 256)

De aanslagen zijn in geen geval met de Islam te verenigen.

De grote Djihad is de strijd van een individu tegen zijn slechte gedachten, verlangens, zwakten, eigenschappen en driften.

In de beeldvorming door de pers worden moslims helaas over één kam geschoren. Gewoonten en rituelen worden uitvergroot, verkeerd uitgelegd en belachelijk gemaakt. Zo ontstaat er een kloof tussen bevolkingsgroepen, terwijl het helemaal niet zo hoeft te zijn.

Zelfmoord is verboden in de Islam


Een van de voornaamste doelen van de terroristische bomaanslagen, brandstichtingen en andere van zulke afschuwelijke handelingen is om angst, bezorgdheid, onveiligheid en paniek te veroorzaken bij mensen.

Een ander belangrijke bijzaak dat is ontstaan als gevolg van de laatste terroristische aanslagen tegen de Verenigde Staten zijn de zelfmoordaanslagen. Sommige mensen die niet goed geïnformeerd zijn over de Islam, hebben volledig onjuiste verklaringen gegeven, dat deze religie van vrede zelfmoordaanslagen toestaat, terwijl zelfmoord en het doden van andere mensen ten strengste verboden is. Met de woorden “En pleeg geen zelfmoord…” (Koran 4:29) heeft God zelfmoord tot een zonde verklaard. In de Islam is het verboden voor iemand om zelfmoord te plegen om wat voor reden dan ook.

De Profeet (vzmh) maakte kenbaar dat zelfmoord een zonde is. Volgens een overlevering van Abu Huraira, verklaarde hij dat ieder die zichzelf van het leven berooft in de hel terechtkomt, waar hij in eeuwigheid verblijven zal.5

Hier komt duidelijk naar voren, dat zelfmoord en dus ook het plegen van zelfmoordaanslagen, die de dood van duizenden onschuldige mensen veroorzaken, een totale schending van het islamitische moreel is. God zegt in de Koran dat het een zonde is om zelf je eigen leven te beëindigen. Om deze reden is het onmogelijk voor iemand die in God gelooft en volgens de Koran leeft, om zoiets te doen. Alleen mensen die een volkomen verkeerd denkbeeld over de religie hebben, die geen besef hebben van het ware moreel van de Koran, falen bij het gebruik van hun verstand en geweten, die onder invloed staan van atheïstische ideologieën en mensen die zijn gehersenspoeld met emoties van haat en wraak kunnen zoiets gruwelijks doen. Iedereen moet zulke acties belemmeren.

En pleeg geen zelfmoord. Voorzeker, Allah is u Genadevol.
(Koran 4:29)

Barmhartigheid, tolerantie en menselijkheid in de geschiedenis van de Islam

Als we de feiten samenvatten die we tot nu toe hebben gezien, kunnen we zeggen dat de politieke doctrine van de Islam ( met andere woorden, de islamitische regels en principes) uiterst gematigd en vredelievend is. Deze waarheid is geaccepteerd door vele niet-islamitische historici en theologen. Eén van deze is de historici Karen Armstrong, een voormalig non en expert van de geschiedenis van het Midden-Oosten. In haar boek “Holy War” (Heilige Oorlog), waarin ze de historie van de drie monotheïstisch religiën onderzoekt, geeft ze de volgende commentaar:

.Het woord “Islam” komt van hetzelfde Arabische stamwoord als van het woord “vrede” en de Koran veroordeelt oorlog als een abnormale situatie dat tegen de wil van God indruist.Islam rechtvaardigt geen totale destructieve oorlog met het doel om de vijand uit te roeien.Islam erkent dat oorlog onvermijdbaar is en in sommige situaties zelfs als een positieve plicht om onderdrukking en lijden te beëindigen. De Koran onderwijst dat oorlog begrensd moet zijn en zoveel mogelijk in een humanitaire wijze gevoerd moet worden. Mohammed (vzmh) moest niet alleen tegen de Mekkanen strijden, maar ook tegen joodse stammen in de omgeving en tegen christelijke stammen in Syrië, die een offensief tegen Mohammed (vzmh) hadden gepland in samenwerking met de joden. Toch leidde dit niet tot de veroordeling van de “mensen van het Boek” (joden en christenen) door Mohammed (vzmh) . Zijn moslims waren genoodzaakt om zichzelf te verdedigen, maar zij waren niet bezig om een “heilige oorlog” tegen de religies van hun vijanden te voeren. Wanneer Mohammed (vzmh) een islamitisch leger onder leiding van de vrijgelaten slaaf Zaid tegen de christenen zond, vertelde hij hen om dapper maar humanitair te strijden voor de zaak van God. Ze mochten priesters, monniken en nonnen niet molesteren, maar ook niet de zwakkeren en hulpeloze mensen die niet in staat waren om te vechten. Er mocht geen bloedbad plaatsvinden, noch mocht men een enkele boom neerhalen of een gebouw afbreken.6

Na de dood van de Profeet (vzmh) letten ook de kaliefen, die na hem regeerden, uiterst zorgvuldig op het naleven van gerechtigheid. In de veroverde landen konden zowel de inheemse bewoners als de nieuwkomelingen hun leven in vrede en veiligheid leven. Abu Bakr, de eerste kalief, verlangde van zijn mensen een rechtvaardig en tolerant gedrag in het bestuur van deze landen, in overeenstemming met de waarden van de Koran. Abu Bakr gaf het volgende bevel aan zijn leger voor de eerste Syrische veldslag:

Stop, o mensen zodat ik u 10 regels kan geven die jullie in het hart moet nemen: oefent geen verraad, en wijk niet af van het rechte pad. Verwondt en doodt geen kinderen, ouderen en vrouwen. Verwoest geen dadelbomen, en steek het ook niet in brand en hak geen vruchtvolle bomen neer. Doodt ook geen vee, kuddes of kamelen. U kunt mensen treffen die hun hele leven toegewijd hebben aan kloosterdiensten. Laat ze met rust en doorgaan met deze diensten. U kunt mensen treffen die u een maaltijd aanbieden kunnen. U kunt daarvan eten; maar vergeet niet de naam van God te herdenken.7


In de landen rondom Jeruzalem, die voor lange tijd onder het bewind stonden van moslims, is vrede en tolerantie nu vervangen door oorlog en conflicten.

Omar ibn al-Khattab, die Abu Bakr opvolgde, was beroemd voor de manier waarop hij gerechtigheid uitoefende en de verdragen die hij maakte met de inheemse bewoners van de veroverde landen. Elk van deze verdragen bewees een voorbeeld te zijn van tolerantie en rechtvaardigheid. Bijvoorbeeld in zijn verklaring, waarin hij bescherming bood aan christenen in Jeruzalem en Lod, verzekerde hij dat de kerken niet verwoest zouden worden en garandeerde hij dat moslims in de kerk geen gebeden zouden verrichten. Omar verleende dezelfde rechten aan de christenen in Bethlehem. Tijdens de verovering van Medain, gaf het beschermingsverdrag, dat aan de Nestoriaanse Patriarch Yeshuyab III was gegeven, wederom de garantie dat kerken niet verwoest zouden worden en dat geen enkel gebouw geconverteerd zou worden tot een huis of een moskee. De brief die na de verovering door de Patriarch aan de bisschop van Fars (Perzië) was geschreven, is uiterst betekenisvol, het getuigt namelijk van de tolerantie en barmhartigheid door de moslims voor de mensen van het Boek, met de woorden van een christen:

De Arabieren aan wie God in deze tijd de heerschappij van de wereld had gegeven…zij hebben ons nooit lastiggevallen. Zij respecteerden ons, onze godsdienst, priesters, heiligen, kerken en kloosters.8

Dit zijn allemaal zeer duidelijke voorbeelden die getuigen van de rechtvaardigheid en tolerantie van de ware gelovigen. In het volgende vers beveelt God het volgende:

Voorwaar, Allah gebiedt u het u toevertrouwde over te geven aan hen die er recht op hebben en dat, wanneer gij tussen mensen richt, gij rechtvaardig handelt. En waarlijk, voortreffelijk is datgene, waartoe Allah u maant. Voorzeker, Allah is de Alhorende, de Alziende.(Koran, 4: 58)

Canon Taylor, één van de missie leiders van de Anglicaanse Kerk, betuigt van de schoonheid die het islamitische moreel heeft geopenbaard, in één van zijn speeches als volgt:

Het (islam) bracht de fundamentele Dogma’s van de religie – de eenheid en grootheid van God, dat Hij genadevol en rechtvaardig is, dat Hij gehoorzaamheid aan Zijn wil, trouw en geloof eist. Het kondigde de verantwoordelijkheid van de mens, een leven na de dood, een Dag des Oordeels, en een zware afstraffing die de boosdoeners ten deel valt; Hij verkondigde de gebedsplicht, armenbelasting, het vasten en grootmoedigheid. Het schafte de kunstelijke deugden af, de religieuze oplichterij en dwaasheden, perverse immorele gevoelens en de verbale beloften van theologische disputanten die zich niet hielden aan hun woord. Het gaf hoop aan de slaven, broederschap aan de mensheid, en erkenning aan de fundamentele feiten van de oorsprong van de menselijke aard.9

De valse bewering, dat de bewoners van de veroverde landen onder bedreiging tot de Islam waren toegetreden, wordt ook door de westerse onderzoekers tegengesproken en de rechtvaardige en tolerante houding van de moslims bevestigd. L. Browne, een westerse onderzoeker, getuigt van deze situatie als volgt:

Deze welbekende feiten beroven overigens het in de christelijke geschriften zo wijdverspreide gerucht, dat de moslims, waarheen ze ook (naar) gingen, met het zwaard de mensen dwongen de Islam aan te nemen.10


Vele kruisvaarders waren zelfs op het slagveld verbaasd van de rechtvaardige, tolerante en barmhartige houding van de moslims. Later drukten ze hun bewondering in hun memoires uit. In de bovenstaande plaatje zien we de tweede Kruisvaart door Louis VII.

In zijn boek “the prospects of Islam”, verklaart Browne verder dat achter het ware motief voor de veroveringen van de moslims, de broederschap van de Islam ligt. De ruime meerderheid van de islamitische heersers, die in de loop van de geschiedenis de islamitische landen regeerden, behandelden de leden van de andere religies doorgaans met uiterste tolerantie en respect. Binnen de grenzen van alle islamitische staten, leefden zowel de joden als de christenen in veiligheid en vrijheid.

John L. Esposito, professor in religiewetenschappen en internationale betrekkingen aan de Universiteit van Georgetown, beschrijft hoe joden en christenen, die onder het regeerschap van de islamitische staten kwamen, ruime tolerantie ervoeren:

Islamitische legers hebben bewezen formidabele veroveraars en effectieve heersers te zijn, ze waren eerder bouwers dan vernielers. Ze vervingen de inheemse heersers en legers van de veroverde gebieden, maar ze hielden veel van hun overheid en cultuur in stand. Voor vele mensen in de veroverde gebieden, was het niet meer dan een verwisseling van leiders, een leider die nu vrede bracht aan de mensen, die door verliezen aan levens en zware belastingen uit de lange jaren van de Byzantijnse-Perzische oorlog gedemoraliseerd en ontevreden waren geworden. Lokale gemeenschappen waren vrij om verder te gaan in hun eigen manier van leven in interne, binnenlandse zaken. In vele opzichten vonden de lokale populaties het islamitische heerschap flexibeler en toleranter dan die van Byzantium en Perzië. Religieuze gemeenschappen waren vrij hun geloof uit te oefenen- ze konden hun eigen rituelen en wetten naleven en hun religieuze leiders konden hun autoriteit in sociale domeinen handhaven zoals bij het huwelijk, echtscheiding en erfenis. In ruil daarvoor moesten ze een vorm van belasting betalen (jiyza), dat hen bescherming aanbood tegen aanvallen van buitenaf en ze waren hiermee tevens vrijgesteld van militaire plicht. Hierdoor noemde men ze “de beschermden” (dhimmmi). In de praktijk betekende dit dikwijls lagere belastingen, grotere lokale autonomie, heerschap door andere Semieten met wie nadere linguïstische en culturele verbondenheid bestond dan de Greko-Romeinse eliten van Byzantium, en grotere religieuze vrijheid voor joden en de inheemse christelijken. De meeste van de christelijke kerken, zoals die van de Nestoriaanse, Monophysitaanse, Jakobse, en de Coptse werden vervolgd door de orthodoxe kerk wegens ketterij en schismatiek. Om deze redenen steunden sommige joodse en christelijke gemeenschappen de oprukkende legers, ze beschouwden hen als minder onderdrukkend dan hun imperiale heersers. In vele manieren brachten de veroveringen een “Pax Islamica” aan de bezette gebieden.11


Het islamitische bewind in Spanje kwam tot een einde in 1492, toen Granada veroverd werd door de legers van Koning Ferdinand en Koningin Isabella. In het plaatje hierboven is de capitulatie van de stad te zien.

Een ander “Pax Islamica” die door de Islam was gebracht, was ten gunste van de vrouwen, een deel van de maatschappij die enorm was mishandeld in de pre-islamitische tijden. Professor Bernard Lewis, die bekend staat als één van de grootste Westerse experts van het Midden-Oosten, geeft het volgende commentaar:

In het algemeen bracht de aanvang van de Islam een enorme verbetering in de positie van de vrouwen in het oude Arabië, die hen bezittingen en andere rechten bracht, en bescherming aanbood tegen slechte behandelingen van hun mannen of bezitters. Het vermoorden van vrouwelijke nieuwgeborenen, dat gebruikelijk was in het oude Arabië, werd door de Islam verboden.Maar de positie van de vrouw bleef schamel, en verslechterde,doordat de aanvankelijke boodschap van de Islam zijn drang verloor en onder invloed van al bestaande instellingen en gebruiken werd aangepast.12

De heerschappij van de Selcuk Turken en dat van het Ottomaanse Rijk was ook gekenmerkt door de rechtvaardige tolerante instelling van de Islam. In zijn boek, “The Spread of Islam in the World”, verklaart Sir Thomas Arnold, de Britse onderzoeker, de bereidheid van de christenen om onder het bewind van Selcuk te komen vanwege deze instelling:

Hetzelfde gevoel van veiligheid van het religieuze leven onder de islamitische heerschappij bewoog vele christenen van Klein-Azië (Anatolië), de Selcukse Turken als bevrijders hartelijk te verwelkomen.Tijdens de heerschappij van Michael VIII. (1261-1282), werden de Turken vaak uitgenodigd om bezit te nemen van de kleinere steden in het binnenste van Klein-Azië, zodat ze van de tirannie van het Byzantijnse Rijk gered konden worden; en zowel de rijken als de armen emigreerden vaak naar Turkse gebieden.13


Sultan Beyazid II was een toegewijde moslim. Hij verwelkomde de joden die van de Spaanse vervolging vluchtten, en waarborgde hun absolute religievrijheid.

 

Malik Shah, de heerser van de islamitische Selcukse Rijk tijdens de piek van haar periode, benaderde de bewoners van de veroverde landen met ruime tolerantie en barmhartigheid en werd dus zo herinnerd met respect en liefde. Zijn tolerantie veroverde ook de harten van de mensen van het Boek. Om deze reden kwamen de steden in vrije wil onder Malik Shahs bewind, wat ongeëvenaard is in de geschiedenis. Sir Thomas Arnolds spreekt ook over Odo de Diogilo, een monnik uit St. Denis, die deelnam aan de tweede Kruistocht als de persoonlijke veldprediker van Louis VII, en in zijn memoires over de gerechtigheid (wees), die door de moslims werd uitgeoefend, ongeacht iemands godsdienst:

De situatie van de overlevenden zou volkomen hopeloos zijn geweest, als de aanblik van hun ellende niet de harten van de Mohammedanen (moslims) tot medelijden zou bewegen. Ze verpleegden de zieken en verlichtten de armen en hongerigen met grootmoedige vriendelijkheid. Sommigen kochten zelfs het Franse geld, dat de Grieken van de pelgrims onder dwang en zwendel hadden verkregen en verdeelden het grootmoedig onder de behoeftigen. Het kontrast tussen de vriendelijke behandeling, die de pelgrims van de ongelovigen kregen en de wreedheden van hun medegelovigen, de Grieken die hun dwangarbeid oplegden, sloegen en van het weinige dat ze nog hadden beroofden, was zo groot dat ze vrijwillig het geloof van hun bevrijders aannamen. Zoals de oude kroniek (Odo de Diogilo) zegt: terwijl ze hun geloofsbroeders verliezen, die zo wreed tegen hen waren, vonden ze veiligheid bij de ongelovigen, die genade voor hen hadden en zoals we al hoorden sloten meer dan drieduizend zich bij de Turken aan toen ze wegtrokken.”14


De verovering van Istanbul door Sultan Mehmet de Veroveraar betekende vrijheid voor joden en heterodoxe christenen die eeuwenlang door Romeinse en Byzantijnse heersers werden onderdrukt.

Deze verklaringen door historici maken duidelijk, dat de islamitische heersers, die het ware moreel van de Islam verinnerlijkt hadden, altijd met tolerantie, barmhartigheid en rechtvaardigheid regeerden. Zo is ook de geschiedenis van de Ottomaanse Rijk, die eeuwenlang landen over drie continenten regeerden, rijk aan voorbeelden van tolerantie.

De manier waarop de joden zich vestigden in Ottomaanse landen tijdens de tijd van Sultan Beyazid II, na blootgesteld te zijn aan de bloedbaden en verbanningen in de katholieke koninkrijken van Spanje en Portugal, is een goed voorbeeld van de tolerantie die het islamitische moreel met zich mee brengt. De katholieke monarchen, die in die tijd over het grootste deel van Spanje heersten, onderdrukten de joden, die daarvoor in vrede onder de islamitische heerschappij in Andalusië hadden geleefd. Terwijl de moslims, christenen en joden in Andalusië in vrede met elkaar konden leven, probeerden de katholieke monarchen, heel het land tot het christelijke geloof (toe) te dwingen, waarbij ze de moslims de oorlog verklaarden en de joden onderdrukten. Als gevolg hiervan werd de laatste islamitische heerser, die in de Zuid-Spaanse provincie Grenada was gevestigd, in 1492 uitgeschakeld. Moslims werden gruwelijk afgeslacht en de joden die zich verzetten hun geloof te veranderen werden verbannen.

Een groep van deze joden zonder vaderland, zocht toevlucht in de Ottomaanse Rijk, en het Rijk stond hun dat toe. De Ottomaanse vloot, onder het bevel van Kemal Reis, bracht de verbannen joden en de moslims die de slachtpartij hadden overleefd, naar het land van de Ottomanen..


Sultan Mehmet de Veroveraar verleende de Patriarch vele concessies. Onder de Turkse heerschappij genoot de Patriarch voor de eerste keer in de geschiedenis volledige autonomie. In de afbeelding zien we Sultan Mehmet de Veroveraar die de Patriarch ontvangt.

Sultan Beyazid II is de geschiedenis ingegaan als een godvrezende heerser in het Ottomaanse Rijk, en in de lente van 1492 vestigde hij de joden aan wie onrecht was aangedaan en waren verbannen, in verschillende gebieden van zijn rijk, rond Edirne en Thessalonica in het hedendaagse Griekenland. Meer dan de 25,000 Turkse joden die in Turkije leven, zijn de nakomelingen van die Spaanse joden. Ze hebben hun religie en gebruiken, die ze 500 jaar geleden uit Spanje meebrachten, aangepast aan de condities in Turkije en leven nog steeds comfortabel met hun eigen scholen, ziekenhuizen, bejaardentehuizen, culturele verenigingen en dagbladen. In dezelfde manier zoals ze handelaren en zakenlui hebben, hebben ze ook vertegenwoordigers in verschillende beroepen, van technische vakgebieden tot aan de reclame, waarbij hun intellectuele kring bestaande uit wetenschappers en artiesten alsmaar groter wordt. Terwijl joodse gemeenschapen in vele landen in Europa bloot stonden aan antisemitische racistische aanvallen, leefden de joden in Turkije in vrede en veiligheid. Dit voorbeeld alleen is al genoeg, van de tolerantie en het ervaren van gerechtigheid dat de Islam met zich meebrengt.

De barmhartigheid en tolerantie die door Sultan Beyazid II uitgeoefend werd, was geldig voor alle Ottomaanse sultans. Toen Sultan Mehmet de Veroveraar, Constantinopel veroverde, stond hij toe dat de christenen en joden daar vrij mochten leven. Andre Miquel, die door zijn waardevolle werken bekend is, waarin hij de rechtvaardige en tolerante praktijken van de moslims en over de islamitische wereld schrijft, zegt het volgende:

Christenen leefden onder een zeer goed bestuurde overheid, die zij onmogelijk konden vinden in de tijd van Byzantium en Latijnse tijdperken. Ze zijn nooit onderwerp geweest van (een) systematische onderdrukking. In tegenstelling, het rijk, en met name Constantinopel werd een schuilplaats voor de Spaanse joden die waren gemarteld. Mensen werden nooit met geweld bekeerd; de voortgang van de islamitisering was een resultaat van een sociaal proces.(Geen enkele plek was onderhevig aan het sociale proces van “islamitisering”).15

Zoals uit deze feiten duidelijk naar voren komt, waren de moslims nooit in de geschiedenis onderdrukkend geweest. Integendeel, ze brachten vrede en veiligheid naar alle naties en religies waar ze heen gingen. Ze hebben zich aan Gods gebod gehouden, dat in het volgende vers naar voren komt: en aanbidt Allah en vereenzelvigt niets met Hem en bewijst vriendelijkheid aan ouders, verwanten, wezen, de behoeftigen en aan de nabuur, die een vreemdeling is en de nabuur die een bloedverwant is en aan de metgezel, de reiziger en aan degenen die onder uw macht zijn. Voorzeker, Allah heeft de pochers en de opscheppers niet lief. (Koran 4: 36) en behandelden iedereen goed.

Kortom vriendschap, broederschap, vrede en liefde zijn de fundamenten van het moreel in de Koran, en het is het doel van de moslims om deze verheven deugden te realiseren en in de wereld te verbreiden. (Voor nadere informatie, zie Harun Yahya’s “Rechtvaardigheid en Tolerantie in de Koran”)


Zij die geloven en hun geloof niet met onrechtvaardigheid vermengen – dezen zijn het, die vrede zullen hebben want zij zijn recht geleid.
(Koran 6:82)

(www.harunyahya.com / 20.03.2011)

Yemen opposition activists clash with police

Security forces open fire in southern city of Aden, a day after emergency was declared following a bloody crackdown.

Police have stormed a protest camp in southern Yemen where thousands are calling for the ouster of Ali Abdullah Saleh, the country’s longtime president.

Saturday’s raid was the latest attempt by security forces to quell growing unrest.

Protesters say police fired tear gas and live rounds in the southern port city of Aden, wounding three anti-government protesters.

Meanwhile, two prominent members of Yemen’s ruling party resigned on Saturday in protest against the killing of the anti-government protesters a day before.

“I find myself compelled to submit my resignation … after the heinous massacre in Sanaa yesterday,” Nasr Taha Mustafa, head of the state news agency and a leading ruling party member, said.

While, Mohamed Saleh Qara’a, another party member, told Reuters he had quit because of the “completely unacceptable” violence.

Saleh declared on Friday a nationwide state of emergency after a violent crackdown on anti-government protests left at least 52 people dead and scores more wounded in the capital, Sanaa.

He said that the decision to impose the state of emergency was made by the country’s National Security Council, but there was no immediate indication of how long it would last.

“The National Security Council announces a state of emergency across Yemen, and a curfew is set upon armed people in all Yemeni provinces. And the security forces with the army will take responsibility for stability,” he said.

He also expressed “sorrow for what happened in the university square” on Friday.

Sources told Al Jazeera the security forces opened fire in attempts to prevent protesters from marching out of the square where they were gathered. Medical sources said the death toll was likely to rise.

The attack came as thousands gathered across the country, continuing to demand that Saleh – the country’s ruler of 32 years – step down.

Al Jazeera correspondents in Sanaa reported that many protesters were shot in the head and neck; most of the injured were shot with live ammunition.

Medics at a nearby medical centre told Al Jazeera almost 200 people were injured; many were in critical condition. One medic called the attack a “massacre”.

Anti-government demonstrations were also held in other cities including Taiz, Ibb, Hodeidah, Aden, and Amran following Muslim midday prayers on Friday.

Government forces have previously used live fire, rubber bullets, and tear gas on anti-regime rallies, in the government’s increasingly violent crackdown on protests.

Yemen, the Arabian peninsula state neighbouring Saudi Arabia, has been hit by weeks of protests set in motion by uprisings in North Africa that toppled long-serving leaders in Tunisia and Egypt and spread to the Gulf states of Bahrain, Oman and Saudi Arabia.

Saleh has maintained a firm grip on power for over three decades and has scoffed at calls to step down, saying he will only do so when his current term of office expires in 2013.

Despite violence and threats, anti-government protesters refuse to cease demonstrating until Saleh’s removal.

(english.aljazeera.net / 19.03.2011)