‘Gaza op mijn hoofd’ laat je niet onberoerd

Inge Neefs was één van de deelnemers aan de Freedom Flotilla tegen de blokkade van Gaza door Israël op 31 mei 2010. Later verbleef zij in Gaza waar zij getuigenissen verzamelde over het leven daar. Haar boek ‘Gaza op mijn hoofd’ laat je niet onberoerd.
'Gaza op mijn hoofd' laat je niet onberoerd
‘Gaza op mijn hoofd’

De bezetting van Palestina door Israël is “het best gedocumenteerde conflict ter wereld”, zegt Inge Neefs in het laatste hoofdstuk van haar boek. ‘Gaza op mijn hoofd’ is dus zeker niet het laatste boek dat er over geschreven wordt.

Analyse, historisch overzicht, feitenmateriaal, je kan het lezen in honderden andere publicaties. Dit boek van Inge Neefs is geen droge analyse, maar een verhaal van gewone mensen, die proberen te leven in de chaos van bezetting en repressie, die ondanks alles proberen normale families te zijn, vrienden op straat, collega’s op het werk, leerlingen op school.

Inge Neefs maakte er een zeer persoonlijk verhaal van. Neutrale objectieve verslaggeving is aan haar niet besteed. Ze trekt zonder omwegen partij voor de onderdrukten, voor de slachtoffers.

De getuigenissen wisselt ze af met haar eigen gevoelens. Ben ik hier wel op mijn plaats? Kijk ik niet door de bril van een westerling die het allemaal zoveel beter weet? Ondertussen zoemen boven de hoofden de drones, als een pemanente dreiging, dag en nacht …

Neefs laat haar getuigen aan het woord zonder tussenbeide te komen, zonder te becommentariëren. Zo is er het verhaal van de visser die binnen de toegestane 3 zeemijl wordt opgepakt door de Israëlische marine, na urenlange ondervragingen wordt vrijgelaten zonder dat er ooit een officiële aanklacht volgt en bij thuiskomst mag vaststellen dat zijn boot – zijn enige broodwinning –  in een Israëlische haven aan de ketting ligt.

Families die de pech hebben dicht bij de bufferzone te wonen aan de grens met Israël, riskeren permanent te worden beschoten, zonder enige aanleiding. De witte vlag aan de wasdraad beschermt zelfs de kinderen niet. Ironisch genoeg wonen ze daar omdat alleen daar de huur laag genoeg is – wie het zich kan veroorloven gaat immers verder van de grens weg wonen …

Een van de meest aangrijpende verhalen is dat van een gezin waarvan het huis wordt platgereden door een Israëlische bulldozer, terwijl nog niet alle kinderen het huis uit zijn geraakt. Hun zoontje wordt doodgeschoten in de armen van zijn vader terwijl die hem poogt weg te halen uit de gevarenzone.

Schrijnend is ook de getuigenis van kinderen die door nagelbommen worden geraakt, één van de meest laffe wapens die Israël regelmatig inzet om ‘zijn veiligheid te vrijwaren’. De jonge Rami kan niet meer werken, de scherven in zijn elleboog, rug, buik en linkerbeen kunnen immers niet verwijderd worden. Hij kan Gaza niet verlaten om naar een gespecialiseerde kliniek te gaan …

Een grootvader vertelt over zijn geboortedorpje Al Majdal dat nu Ashkelon heet en vader Abu Fehmi vertelt hoe hij werd opgepakt en gefolterd op verdenking van ‘terrorisme’, de door Israël gebruikte term om elke vorm van verzet – gewapend of niet – te omschrijven. Blijkbaar werd hij door een ander ‘verklikt’, die eveneens werd gefolterd. Een vicieuze cirkel die steeds meer onschuldige Palestijnen meesleurt in de waanzin van deze bezetting.

De ene getuigenis volgt op de andere. Eén ding hebben ze met elkaar gemeen, de wil en de koppigheid om een eigen normaal leven te leiden, om niet toe te geven aan de gruwel van de bezetting.

Neefs spaart in haar boek ook niet de kritiek op de partij aan de macht in Gaza, Hamas, op hun idiote regelneverij die ondermeer verbiedt dat vrouwen alleen op straat komen of met mannen die niet hun broer of echtgenoot zijn.

Voor jongeren in Gaza is het ondertussen niet zonder risico om op internet actief te zijn. Vanuit Israël worden immers doelbewust geveinsde contacten gemanipuleerd, die er toe kunnen leiden dat een onschuldig lijkend contact levensgevaarlijk wordt. Degelijk gerechtelijk onderzoek bestaat niet en een beschuldiging van collaboratie kan tot de doodstraf leiden.

Zelden was een titel zo juist gekozen. Gaza zit in het hoofd van Inge Neefs. De verhalen, de getuigenissen, ze laten je niet los. Wanneer je denkt dat je het ergste wel hebt gelezen, blijkt één verhaal verder een nog gruwelijker aspect van de militaire blokkkade in je hoofd te kruipen.

Wie er nog aan twijfelde of de BDS-actie tegen Israël wel de beste strategie is, heeft met dit pretentieloze boek zijn antwoord. Erger dan dit kan niet. Gaza is een hel. Elke dag wachten, is zoveel meer slachtoffers van blinde repressie.

Toch is dit geen deprimerend boek. Stuk voor stuk hoor je achter de schrijnende verhalen de wil om te leven, om gelukkig te zijn, om gewoon met rust te worden gelaten. Deze gewone menselijke verhalen zeggen zoveel meer dan droge analyses. Dit is een boek dat je niet onberoerd laat, een boek dat ‘in je hoofd’ blijft nazinderen.

(Source / 01.12.2013)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *