20 jaar Oslo-akkoorden – meer dan een half miljoen Israëli in bezette gebieden

Op 13 september 1993, ondertekenden de Israëlische premier Rabin en Yasser Arafat, leider van de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO) in Washington de ‘Oslo I-akkoorden’, een ‘principeverklaring’ voor Palestijns zelfbestuur. Van bij het begin waren de Israëlische nederzettingen een stok in de wielen van het vredesproces.
De bezetting van Israel gaat door
Israëlische doelbewuste dagelijkse agressie tegen Palestijnen blijft onbestraft

Twintig jaar later is het aantal Israëlische kolonisten in Oost-Jeruzalem en de Westelijke Jordaanoever – de door Israël bezette gebieden – verdubbeld en lijkt een Palestijnse staat verder af dan ooit.

Er wonen intussen meer dan een half miljoen Israëli in de bezette gebieden. Het opnieuw opstarten van de vredesonderhandelingen in de zomer van 2013 is eigenlijk een farce, als de Israëlische regering tegelijk de bouw aankondigt van nog eens 1.200 wooneenheden op de Westelijke Jordaanoever en in Oost-Jeruzalem, en aanspraak lijkt te blijven maken op minstens 40 procent van de bezette Westelijke Jordaanoever.

Volgens het internationaal recht zijn alle nederzettingen in bezet gebied illegaal, met inbegrip van Oost-Jeruzalem. De Vierde Conventie van Genève verbiedt een bezettingsmacht haar bevolking te verplaatsen naar het bezette gebied (art. 49).

Nederzettingen hebben een enorme impact op de Palestijnse samenleving. Hun inplanting gaat gepaard met de afbraak van huizen, gedwongen verhuizingen, fysieke barrières, de ongelijke toegang tot zuiver water en de inbeslagname van vruchtbare grond.

Waardig werk is in deze omstandigheden onmogelijk. In 2011 werd een recordaantal aanvallen door kolonisten geregistreerd. Er vielen tientallen Palestijnse gewonden en er werden meer dan 10.000 bomen (vooral olijfbomen) omgehakt. Tegelijkertijd wordt er een gescheiden infrastructuur opgebouwd voor de twee verschillende bevolkingsgroepen die in hetzelfde gebied leven. Verschillende scholen, ziekenhuizen, wegen … En verschillende rechtssystemen.

De internationale gemeenschap blijft dubbelzinnig. In woorden wordt het nederzettingenbeleid afgekeurd. Maar in de praktijk wordt dat beleid nog altijd op verschillende manieren gesteund.

De EU bevestigde herhaaldelijk het illegaal karakter van de nederzettingen en noemde ze een obstakel tot vrede. Sinds vorig jaar gaat men zelfs een stapje verder, en neemt de Unie de directe en indirecte steun onder de loep door de import en verkoop van producten uit nederzettingen te bekijken, de financiële voordelen en transacties die nederzettingen mee doen floreren en de samenwerking tussen privé-instellingen.

De ministers van Buitenlandse Zaken hebben zich geëngageerd om een eind te maken aan de steun voor de nederzettingen door Europese instellingen. Toch is er ook op EU-niveau nog een lange weg te gaan. De Unie draagt nog altijd bij tot de leefbaarheid van de nederzettingen aangezien er geen systematisch onderscheid wordt gemaakt tussen Israël en de illegale nederzettingen.

Ook België veroordeelde herhaaldelijk het nederzettingenbeleid. De nederzettingen worden beschouwd als een fundamenteel obstakel op weg naar de tweestaten-oplossing. Op deze manier biedt België alvast lippendienst aan de positie van de EU.

Verder dan lippendienst geraakt men voorlopig niet. Dat de zaak op verschillende beleidsdomeinen en op verschillende beleidsniveaus moet bekeken worden, is echt geen excuus.

“Het is hoog tijd dat België en de EU de daad bij het woord voegen en elke steun aan het illegale nederzettingenbeleid identificeren en uitschakelen”, stelt Bogdan Vanden Berghe, directeur van 11.11.11 in naam van het Midden-Oosten Overleg.

“Men kan nu meteen concrete maatregelen nemen m.b.t. de import en verkoop van producten uit de nederzettingen. Men kan de nederzettingen uitsluiten uit de bilaterale relaties met Israël. Men kan een eind maken aan financiële transacties en steun.”

De Belgische NGO’s gooien in de komende maanden het debat in de politieke arena. “We willen, in samenwerking met het parlement de discussie op de spits drijven”, zegt Rabab Khairy van het CNCD.

“We zullen dat doen in samenspraak met vertegenwoordigers van de VN, de EU, onze eigen overheid, met mensen uit de civiele maatschappij van Palestina en Israël. En we zullen dat doen op basis van een stevig rapport over de kwestie.”

Het is de bedoeling een beter inzicht te krijgen op de steun van België aan illegale nederzettingen, maar vooral om te maken dat er concrete maatregelen worden genomen om deze steun te stoppen.

(Source / 13.09.2013)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *