Hoort u mij?!!!…..

Expertisecentrum WSG

Een maatschappelijk werker van de GGMD raadde moeder een aantal jaren geleden de WSG aan, om de OTS uit te voeren. ‘De WSG, zo zei hij, stelt zich ten doel ouders en/of kinderen met een beperking te begeleiden. Jullie (de ouders) zijn beide doof, dus lijkt mij de WSG de meest aangewezen instelling om mee in zee te gaan.’ En inderdaad in het foldertje van de WSG staat geschreven dat ze er ook zijn voor ouders met een zintuiglijke beperking. De contacten worden gelegd en het wachten is op het kennismakingsgesprek met gezinsvoogd nummer 1. Moeder heeft voor dit gesprek een gebarentolk uitgenodigd bij tolk.net. Na wat beleefdheden uitgewisseld te hebben, vraagt moeder de gezinsvoogd of hij ervaring heeft met dove mensen. Zijn antwoord is kort en bondig: ‘Nee!’

Moeder is evenals de maatschappelijk werker van de GGMD ietwat onthutst. Moeder weet van jongs af aan dat de meeste mensen niet veel ervaring hebben met dove mensen en nauwelijks iets van doofheid afweten. Zij heeft daarmee leren leven. Maar dat de gezinsvoogd van de WSG er ook niets vanaf weet?! Dit blijkt al tijdens het eerste gesprek. Hij begint harder te praten tegen moeder, en als het hem te moeilijk wordt, of als het overbrengen van de boodschap hem te lang duurt,  richt de gezinsvoogd zijn vragen en opmerkingen niet meer aan moeder, maar wendt hij zich tot de maatschappelijk werker.

Deze maakt de gezinsvoogd duidelijk, dat het moeder zelf is die hem de antwoorden op zijn vragen kan geven. ‘Ja, ja, ik begrijp het,  maar gezien de tijd…..!’ Onbeschofter kan haast niet. Na gezinsvoogd nummer 1 volgen er nog drie,  die net zo ‘deskundig’ zijn. Ook de verzoeken aan de rechter om verlenging van de OTS onthullen hun onwetendheid m.b.t. doofheid. De gezinsvoogden onderbouwen deze -zonder dat er enig deskundig diagnostisch onderzoek heeft plaatsgevonden- ondermeer als volgt:

Het feit dat beide ouders doof zijn beperkt ouders in hun inzicht en vermogens om tot een redelijke oplossing te komen van conflicten. Bij het vormen van een eigen mening zijn vader en moeder dan ook in grote mate afhankelijk van de mening van overige familieleden. Dit belemmert de vooruitgang van de hulpverlening.

Het staat er echt! Geschreven door een instelling die zegt expertise te bezitten t.a.v. ouder(s)/kinderen met een zintuiglijke beperking! En de rechter slikt het als zoete koek.

Het brengt mij tot de volgende stelling, die naar mijn idee meer waarheid bevat:

Het feit dat gezinsvoogden door gebrek aan opleiding incompetent zijn, beperkt gezinsvoogden in hun inzicht en vermogens om tot een redelijke hulpverleningsaanbod te komen. Bij het vormen van een eigen mening, zijn gezinsvoogden dan ook in grote mate afhankelijk van de mening van inhoudelijk- en/of teammanagers. Deze managers geven blijk onvoldoende kennis en competenties te bezitten op o.a. gebied van rechts- en wetskennis en menswetenschappen. Een en ander wordt door hen op geheel eigen wijze geïnterpreteerd of genegeerd of domweg niet begrepen. Dit versterkt de incompetentie van gezinsvoogden en belemmert zo de totstandkoming en/of voortgang van een goed hulpverleningsproces waaraan gezinsvoogden gestalte moeten geven. Het leidt tevens tot een onjuiste-, gebrekkige- of zelfs misleidende informatievoorziening aan de rechter.

De WSG is een grote organisatie met een eigen expertisecentrum, waar ze erg trots op zijn. Er zoemen zelfs plannen rond dat er een WSG Academie gaat komen! Hoe prijzen zij hun expertisewaar aan?

Even een greep uit de keuken van expertisecentrum William Schrikker Groep

Het Expertisecentrum draagt actief bij aan het ontwikkelen, borgen en overdragen van kennis en vaardigheden die nodig zijn op het grensvlak van jeugdzorg en gehandicaptenzorg.

Het Expertisecentrum:

* adviseert en ondersteunt professionals

* ontwikkelt nieuwe instrumenten en methodieken

* ontwikkelt trainingen en voert trainingen uit

* geeft advies aan organisaties die hun zorgaanbod willen uitbreiden of verbeteren voor kinderen met een beperking of voor kinderen van ouders met een beperking.

De WSG pakt dit aan middels deskundigheidsbevorderende bijeenkomsten/trainingen variërend van 2 uur tot 2 à 3 dagen. Afsluitend ontvangen de deelnemers een certificaat waarmee zij kunnen aantonen dat zij bekwaam zijn.

Wat biedt de WSG te koop aan:

1. Themapakketten:

kant-en-klare programma’s waarmee leidinggevenden op een inspirerende en actieve manier een inhoudelijke themabijeenkomst voor teams van maximaal 20 medewerkers kunnen organiseren.

Een themapakket bestaat uit een draaiboek, incl. programma , een powerpointpresentatie (op cd-rom) en alle materialen en werkvormen om het programma mee uit te voeren

Bedoeld als deskundigheidsbevordering bij uitvoerend medewerkers.

Een themabijeenkomst duurt gemiddeld 2 uur.

2. Klinische lessen:

In het kader van deskundigheidsbevordering organiseert het Expertisecentrum klinische lessen: dit zijn bijeenkomsten van maximaal 2 uur over een specifiek onderwerp.

Het Expertisecentrum verzorgt de match tussen de kennisvraag van de organisatie en het kennisaanbod van specialisten.

Tijdens een klinische les geeft een deskundige praktijkgerichte, up-to-date kennis over een ziekte, stoornis, handicap of (gedrags)problematiek.

Klinische lessen worden op maat ontwikkeld. Offertes kunnen worden aangevraagd bij het Expertisecentrum. De klinische lessen die voor de William Schrikker Groep worden georganiseerd zijn ook toegankelijk voor externe belangstellenden uit het werkveld.

Voorbeeld van zo’n aankomende klinische les:

Klinische les ‘Seksualiteit en Intimiteit’

Seksualiteit & intimiteit staan als gespreksonderwerp hoog op de kaart binnen de jeugdzorg. Een breed onderwerp waar veel over te zeggen valt. Daarom wordt de klinische les ‘seksualiteit & intimiteit’ in twee delen aangeboden. 17 januari 2013 (les 1) Als we praten over seksualiteit bij kinderen hebben we het echter al snel over seksueel misbruik. Maar wat verstaan we nou eigenlijk onder een “normale” seksuele ontwikkeling? In de eerste klinische les gaat Harriet Hofstede hierover met ons in gesprek. Daarnaast zal zij aandacht besteden aan het herkennen en signaleren van seksueel misbruik. 31 januari 2013 (les 2) Ook al hebben we alle kennis over de seksuele ontwikkeling en seksueel misbruik, dan is het nog niet altijd eenvoudig om hierover met kinderen in gesprek te gaan. In deel 2 van de klinische les laat Harriet Hofstede ons zien hoe we met kinderen in gesprek kunnen gaan over seksualiteit en seksueel misbruik. Het heeft uiteraard de voorkeur dat je beide klinische lessen volgt. De klinische lessen kunnen echter ook apart van elkaar gevolgd worden.

De kosten om klinische lessen te volgen, bedragen 20 euro.

Locatie De klinische lessen vinden plaatsen in het centrale kantoor van de William Schrikker Groep. Het adres: Bijlmerdreef 101, 1102 BP Amsterdam Zuidoost.

3. Trainingen:

Training (eigen)Wijze ouders Een 2-daagse training over communicatie en omgang met ouders van jongeren die met een jeugdbeschermingsmaatregel uit huis zijn geplaatst en wonen in een opvoed- en behandelgroep. Vaak tegen de zin van de ouders. Hoe kun je dan toch goed met deze ouders samenwerken?

Opzet van de training:

* De training bestaat uit 2 dagen.

* Voorafgaand aan de training ontvangen de deelnemers een cursusmap met literatuur.

* De training wordt afgesloten met een proeve van bekwaamheid en als deze voldoende wordt beoordeeld ontvangt de deelnemer een certificaat.

Kosten?

Voor de uitvoering van bovenstaand programma bedragen de kosten ca €3500,-.

Dit is exclusief reis- en materiaalkosten. Expertisecentrum William Schrikker is geen BTW verschuldigd. We hanteren hiervoor een maximale groepsgrootte van 12 deelnemers.

De WSG heeft uiteraard ook nog andere trainingen van 2 – 3 dagen. De kosten daarvan variëren van €3500,-. tot €4500,-.

Zo te lezen schijnt de WSG aardig wat in huis te hebben. Maar schijn bedriegt.

Ik lees: ‘Het Expertisecentrum verzorgt de match tussen de kennisvraag van de organisatie en het kennisaanbod van specialisten.’ Ik denk: ’t Zou nu zo maar kunnen, dat de WSG kennis gaat inkopen bij een doveninstituut. Die mag dan in een 2 of 3 daagse training onbekwame gezinsvoogden aan wat gebaren en weer een certificaatje helpen.’

(jeugdzorg.info /29.12.2012)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *