De bezetting van Jordanië door Engeland

17 Rabie’ al-Awwal 1338 H, 9 december 1919 – De bezetting van Jordanië door Engeland

Na de eerste wereldoorlog, die voor het Osmaanse Rijk een grote ramp bleek, haalden de christelijke kolonisators hun plannen te voorschijn waarin zij het verdelen van het Osmaanse Rijk bespraken. Zij presenteren ook hun plannen om de joden te helpen om Palestina in te nemen om zodoende een staat op Palestijns grondgebied te stichten. In het jaar 1336 H. (1917) verscheen de Balfour-verklaring en vervolgens werd het Sykes-Picotverdrag – dat in het jaar 1334 H werd opgesteld terwijl de oorlog in volle gang was – openbaar gemaakt. In dit verdrag werd een gedeelte van het rijk van de Osmanen, ash-Shaam en Irak, verdeeld onder Engeland en Frankrijk.

Om de joden te helpen bij het stichten van een eigen staat op Palestijns grondgebied en om hun veiligheid te garanderen en hen te beschermen tegen gevaren van buiten, besloot Engeland om haar kolonies uit te breiden. Zodoende namen zij Jordanië, of wat toen het emiraat van Oost-Jordanië heette, in. Dit gebeurde op 17 Rabie’ al-Awwal 1338 H. Om de mensen te misleiden en om volledige loyaliteit te garanderen, stelde Engeland emir Abdoellaah ibn Sharif Hoessein als gezagvoerder aan, maar wel onder de toezicht van de Engelsen.

(dawah-tv.nl / 30.03.2011)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *